Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

De geschiedenis van een wetenschap, een leerstuk, een geloofsregel, een vooroordeel — zulke onderwerpen moeten vooral hem aantrekken, die van de historische wetenschap een beeld verwacht van de wording en verwording van den mensch in zijn doen en denken. Zoodanig beschouwd, vormt de ontwikkelingsgang der Nederlandsche versbouwtheorie een belangwekkende bijdrage tot de geschiedenis van het wetenschappelijk denken in ons land. Van den aanvang af gebonden aan een overgeleverd vooroordeel, vertoont zij een voortdurenden strijd tegen zich zelf, tegen haar eigen axioma, zonder er in te slagen zich daarvan te ontdoen en een anderen grondslag te vinden, waarop zij vrij naar eigen behoefte had kunnen uitgroeien. Hoewel steeds trachtend de praktijk te naderen, of ook deze aan haar theoretische stellingen te doen beantwoorden, blijft zij staan naast de praktijk, waarop zij niet gegrond is, maar waarnaast zij uit een zelfstandigen wortel is opgegroeid. Zoo kon de theorie slechts van haar eigen standpunt af de praktijk met de oogen volgen, zonder haar ooit in haar werkelijkheid te omvatten; zoo geeft haar geschiedenis een leerzaam beeld van de gebondenheid van het menschelijk denken.

Evenals op zoo menig gebied heeft de Grieksche geest ook op dat van den versbouw een wijze van beschouwing geschapen, die voorbestemd was om de Westeuropeesche theorie op het pad te brengen en gedurende eeuwen te beheerschen. Toen men de eigen waarde der nieuwe talen ontdekte en die in alle opzichten aan de oude meende te moeten toetsen, nam men de heldere ontledende werkwijze der klassieke theorie, met haar eenvoudige resultaten, over en paste die toe op de eigen „eloquentia vulgaris", om, naast niet te verbergen verschillen, toch in hoofdzaak overeenkomst en gehjkwaardigheid te vinden. De diepliggende genetische oorzaak van die verschillen en de mogehjkejongerechtvaardigdheid der

Sluiten