Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PROEFONDERVINDELIJKE RESULTATEN.

165

indien de omstandigheden mij eenmaal tot de uitvoering daarvan in staat zouden stellen. Immers de beide beschreven werkwijzen moeten een vergelijkend onderzoek mogelijk maken van 1° de rythmische beweging der spraakorganen, 2° het objectieve gevolg der spraakmaking, de geluidsbeweging, zooals het phonogram die vasthoudt, 3°. de subjectieve rythmische waardeering dier geluidsbeweging bij waarneming door het menschelijk oor. Hiertoe zouden niet al te korte prozazinnen in den natuurlijken toon gesproken en dichtfragmenten van minstens eenige verzen op verschillende wijze gedeclameerd of ook gezongen moeten worden, die naar hun werktuighjke voortbrenging geregistreerd en gelijktijdig phonographisch moesten worden opgenomen. Een voldoende hoeveelheid op deze wijze verkregen materiaal zou onschatbare diensten kunnen bewijzen tot bestudeering van (1) den invloed der rythmische tendens bij den spreker en haar functie bij de vormgeving, van (2) het objectieve bestaan van dezen rythmischen vorm in de luchtbeweging, zooals dat wordt afgebeeld in de daaruit ontstane groeflijn van het phonogram, en ten slotte van (3) de rythmische terugwerking der oorspronkelijke tendens op het levend waarnenüngsorgaan van den hoorder. Hierdoor zou de theoretische rythrniek en in het bijzonder het rytlunisch bewegingsgevoel van den sprekenden mensch op een objectieven grondslag gevestigd kunnen worden.

De genomen proeven, inzonderheid wat betreft het Nederlandsch, waartoe wij ons beperken, beantwoorden geenszins aan dit ideaal; zelden slechts onderzocht men meer dan enkele woorden- of lettergrepen. Meestal bleef dat onderzoek beperkt tot de wijze van voortbrenging of de tonen (trillingsgetallen) van de afzonderlijke klinkers en medeklinkers. Met dit doel voor oogen was ook de natuurlijke zegtrant, waarvan voor ons doel toch zoo veel afhangt, geen eerste vereischte; men zal vaak zelfs opzettelijk dezen of genen klank met bijzondere duidehjkheid hebben voortgebracht, en dus in afwijking van het gewone. Daarom is het niet noodzakelijk hier een geheel volledig overzicht van den stand dezer studies te geven. Het zal voldoende zijn er slechts uit te hchten wat tot kritiek van de gewone voorstellingen dienstig is en nieuwe uitzichten opent.

Volgens de eerst beschreven werkwijze nam prof. Zwaarde-

Sluiten