Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

190

NEDERLANDSCH VERSRYTHME.

zonder hevige aanwijzing als sterk maatdeel doen voelen. Dit is echter, als steeds, niet anders dan een behulpzaam duwtje voor de rythmische waarneming, deze is daarvan geenszins afhankelijk. Men kan ook dit als een soort muzikale syncope beschouwen, maar mag die dan toch niet gelijk stellen met de soort, waarvan wij straks een eenvoudig voorbeeld gaven in Gounod's wals. In gene toch ging het syncopisch rythme zeer beslist in tégen de voorgeschreven maat, die door andere stemmen werd vastgehouden en zoo toch als de eigenlijk ware daaronder te voelen bleef. De melodie heeft feitelijk een ander rythme en zweeft als een 3/a J I -N J J enz- boven de juist half zoo lange 3/4 maten van koor en begeleiding. Zoodoende valt de tweede tel der melodiemaat samen met de zwakke derde der begeleidingsmaat, en duurt diezelfde 2e tel nog rustig voort als de begeleiding duidehjk het begin eener nieuwe maat doet hooren. De wiegende beweging in vele nieuwere walsen berust op dit of een dergelijk kunstmiddel.

In het geval dat wij thans beschouwen is echter van een tegenstrijdigheid van verschillende maatgangen geen sprake, zoomin als van onduidehjkheid. Een voordracht

spreekt voor zich zelf. De melodische gang der 2x3 tonen wijst afdoende het begin der nieuwe maat aan op de 4e van elke 6; de twee tellen rust tusschen de groepen verdeelen zich vanzelf over den 4en tel na afloop der eerste en den len voor het begin der volgende groep. Hier dus bepalen de differentiaties van den melodischen gang en van het tijdsverloop een lythme, dat niet alleen onafhankelijk is van klemtoonscansie, maar deze zelfs telkens in den meest letterlijken zin in het niet doet vallen.

Als tweede voorbeeld diene een gewone toonladder:

1 8 3 4 5 6 7 8 9 10 11 18 13 14 15

Bij voordracht zonder opzettelijke klemtonen en zonder toonrekkingen, zal ook hier het rythme door de melodie alleen bepaald

Sluiten