Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

RYTHME IN MUZIEK EN SPRAAK.

195

het echter zonder veel moeite eens worden over één of op zijn hoogst eenige nauw-verwante normale rythmiseeringen bij rustig spreken en bij vaststaande bedoeling, waarvan alle afwijkingen als uitingen van bijzondere emphase of humeuren gekarakteriseerd kunnen worden x). Deze norm moeten wij als zoodanig in het oog houden, ook al mag de werkelijke uitspraak daaraan zoogoed als nooit geheel beantwoorden. Zij moet met het geluid der woorden zelf van den spreker op den hoorder overgaan; zij moet, nog veel sterker, van uit de letterteekens van het geschrevene of gedrukte wederom aanwijzing geven aan het rythrnisch gevoel van den lezer, ook al leest hij alleen met de oogen; zonder haar geven de woorden aan den zin geen kleur. Die normen zijn bij de sprekers van eenzelfde taal overeengekomen; enkele leesteekens zijn voldoende om de bedoeling tot in bijzonderheden te bepalen. Wie van een vreemde taal alleen de woorden, maar niet de zinsrythmen kent, zal daarvan bij het lezen de moeilijkheid ondervinden. Buitenlanders of kinderen, die de taal in dit opzicht niet voldoende meester zijn, wijken van het overeengekomene af en rythmiseeren (men zegt gewoonlijk minder nauwkeurig: accentueeren) gebrekkig of verkeerd. Elke Nederlandsche zin heeft dus, hoewel zijn uitspraak ook rythrnisch tallooze schakeeringen kan toelaten, een normaal rythme, dat met zijn logische en syntaktische structuur, in begin, voortgang en afloop, op overeengekomen wijze verbonden is.

Als elementen van differentiatie in den spraakzin zijn te beschouwen: duur, hoogte en kracht der afzonderlijke tonen of lettergrepen. Onder „kracht" kan men al die factoren samen vatten, die het dynamisch accent, de „klem", veroorzaken. De duur der afzonderlijke lettergrepen zou evenals in de muziek een dwingenden invloed op de maatverdeeling kunnen hebben, indien zij even vast was als de duur eener bepaalde noot in een melodie, d. i. on-

*) Ik zie hier af van zinnen wier woordschikking een rustige normale uitspraak niet toelaat, omdat deze zelf juist door emphase of humeur is bepaald, b.v. dat wou jij me leer en! Een gezet onderzoek van de emphatische rythrniek zal nog tot belangrijke gevolgtrekkingen kunnen leiden voor de leer van den zinsbouw, vooral in onze moderne talen, die het onderscheid der naamvalsvormen verloren hebben; daarvoor is hier echter geen ruimte. De studiën van G. S. Overdiep voor het Middelnederl. in Tijdschr. v. Ned. T. en L. 34 (vooral blz. 46v.), 35, 36, en van P. Fijn van Draat voor het Engelsch toonen het belang van een dergelijk onderzoek afdoende aan, b.v. Rhythm in English prose (Anglist. Forsch. 29) Heidelberg 1910, The place of the adverb in Neophilologus VI 56 w.

Sluiten