Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

196

NEDERLANDSCH VERSRYTHME.

veranderüjk in haar betrekking tot den duur van andere tonen der zelfde reeks. Wij weten echter dat er in gewone uitspraak geen dergehjke vaste verhouding tusschen den duur der lettergrepen bestaat: het zou geheel ongegrond zijn b.v. voor het woord „verhouding'' een verplichte tijdverdeeling J J J te ondersteUen. Evenmin bestaat er een vaste betrekking tusschen de toonhoogte van verschillende lettergrepen. In het algemeen zullen wij de hoogte van opeenvolgende syllaben bij voorkeur doen verschillen; indien wij dit nalaten spreken wij „eentonig". In welke mate echter en in welke richting wij differentieeren, staat aan ons en wordt ahernunst door de woordvorming of lettergreep-substantie opgelegd Van de „klem" tenslotte geldt in hoofdzaak hetzelfde; ook daarbij is van een verplichte vaste verhouding geen sprake. De groote moeilijkheid van dit laatste begrip is bovendien, dat er met eigenlijk een bepaald meetbaar iets aan beantwoordt. Eensdeels kan watmen klem noemt uit verschillende elementen bestaan, zooals scherpte van articulatie, luidheid of volheid van toon, anderdeels gaan deze intensiteits-factoren gewoonlijk ook weer samen met verschil in toonhoogte en meerder of minder rekking van duur1). Dat eenige afzonderlijke lettergreep een bepaalde mate van klem" noodig zou hebben voor de juiste uitspraak, is evenmin waar als dat zij een zekeren duur of een zekere toonhoogte behoeft. Alle drie zijn geheel betrekkelijke waarden en hun noodwendigheid wordt bepaald door de verhouding tot soortgelijke eigenschappen der omstaande lettergrepen en woorden. De wenschekjke verhouding in dezen wordt echter niet aangegeven door het klankgehalte, maar door logische en syntaktische eischen der spraakgewoonte. Daarom verstaan wij onder „accent" liever een zekere neiging tot overwicht of een zekere mate van vatbaarheid voor al die factoren die het accent kunnen uitmaken (vgl. boven, blz 171). Indien men in dezen zin van „klem" spreken wil, kan daartegen geen bezwaar bestaan. Dan dient men echter ook de gebruikelijke verdeeling van beklemde en onbeklemde lettergrepen te laten varen bij alle rythmische onderzoek. Het zeer „lange enzeker beklemde" woord mooi verliest zijn lengte en klem m een uitdrukking als mooi-wéer-spelen of een zinnetje als 'l moote wéér

i) Vgl. de studiën van Prof. Zwaardemaker en C ^^^K^^^i Onderzoekingen gedaan i. h. PhysioL Lab. te Utrecht. 5e reeks II, 226, XIV, 201 XVI, 94.

Sluiten