Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOEPASSING EN BESLUIT» 223

is op de laatste lettergreep natuurlijk geen sprake; deze kan dan ook evengoed als tweede tel der vorige (derde) maat worden opgevat, waarna de vierde maat door een rust wordt aangevuld. Hetzelfde doet zich in liederen tallooze malen voor (vgl. Klein, klein kleutertje); daar wisselen dergehjke slepende verzen dan vaak met staande, waarin de tekst zelfs onmogelijk een vierde maat kan vullen, die dus steeds slechts uit rusten bestaat. Bii voorbeeld:

Denoerce neeit aan een zevenae maat rust. uit laatste zou persoonlijk kunnen zijn (vgl. Tijdschr. v. Ned. T. en L. XL, 266noot).

Aan de boven reeds terloops besproken verzen van Anna Bijns (blz. 209), kunnen hier nog enkele soortgelijke van Roemer Visscher worden toegevoegd; zijn „Tafelrecht" (uit Rommelzóó) begint:

Sluiten