Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

224

NEDERLANDSCH VERSRYTHME.

ucucii Komz cm aan ook overeen met de door de rederijkkamers zelf daarvoor gestelde regels, die zich immers voornamelij k tusschen 10 en 14 bewogen (vgl. boven blz. 30). De vrijheid om het normaal getal lettergrepen van een maat, thans dus drie, door een grooter of kleiner aantal te vervangen, als ook om den voorslag weg te laten of uit te breiden, blijft voorshands evenals in het Middelnederlandsch bestaan.

Zoo kon men dus verzen schrijven, die nog steeds het oude rythme van vier maten deden hooren en tegelijk zich richtten naar de „Hollandsche" (10—14), „Brabantsche" (10—12) of „Fransche" maat (12—13 of 14lettergr.). Men vindt ze in eiken redenjkersbundel van dien tijd. Dat rythme was steeds onbewust; het aantal lettergrepen echter was een belangrijk twistpunt; daarop was de belangstelling gericht, daarin moest ieder weten wat hij wilde. Het- natuurhjk gevolg was, dat het onbewuste bij velen, die niet scherp rythrnisch voelden, door de bewuste tellerij verdrongen werd; men maakte verzen, die volmaakt schenen naar de „silbe-maat", maar de oude vaste isometrie raakte op losse

Sluiten