Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IV.

VERANTWOORDELIJKHEID VAN DEN MINISTER VOOR DEN LANDVOOGD.

Evenals de verantwoordelijkheid der Nederlandsche hoofden van departementen van algemeen bestuur is die der drie landvoogden te splitsen in:

le. een politieke;

2e. een strafrechtelijke; en

3e. een financieele verantwoordelijkheid.

Wat de regehng der geldehjke verantwoordelijkheid betreft, daarvoor verwijst de Indische comptabiliteitswet in artikel 81 naar de ontbrekende wet, die deze voor de ministers zou vaststellen, en evenzoo doen de artikelen 37 der Westindische regeeringsreglementen.

De strafrechtelijke verantwoordelijkheid is geregeld bij de artikelen 38, 39_jn_g9a voor de Oost en bij de artikelen 22 voor de West. Bij het totstandkomen van het Nederlandsch-Indisch regeeringsreglement bestond de wet op de ministeriëele verantwoordelijkheid nog niet; vandaar dat de terminologie van artikel 38 (oud) nogal verschilde van de overeenkomstige artikelen in de Westindische reglementen, waarbij wel het oude artikel 3 der wet van 22 April 1855 (S. 32) tot voorbeeld heeft gestrekt. Thans, na de wet

Sluiten