Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

79

reglement aandrong; vergeefs zal men dan ook naar zulk een artikel zoeken in het reglement van 1827.

Met de grondwetsherziening van 1848 krijgen wij den verantwoordelijken minister en het voorschrift, dat „de reglementen op het beleid der regering in dé koloniën door de wet worden vastgesteld", wat voor Indië in 1854 gebeurt.

De.eerstvolgende quaestie van dergelijken aard, die tot de buitenwereld doordringt, speelt bijna vijftig jaar later. Het is gouverneur-generaal mr. Mijer, (1866—1872), die een poging waagt den verantwoordelijken minister van de persoon des Koning te scheiden. Aangezien hij reeds geen persona grata was, was het onmiddellijk gevolg een verscherping van de geheime instructie. Uit zijn tijd dateert de verandering in artikel 4 van genoemde instructie, waarin thans moet te lezen staan, dat de landvoogd aan elk ministerieel bevel moet gehoorzamen '). Daarop schijnt hij dan ook te doelen in zijn rede bij de overdracht van zijn waardigheid aan zijn opvolger:

„Uit een briefwisseling met den Minister is mij gebleken, dat hij bevoegd is, om voorstellen nopens belangrijke aangelegenheden van algemeen of staatsbelang, door het Indisch bestuur aan de beslissing des Konings onderworpen, eenvoudig af te wijzen, zonder dat blijke dat zulks geschiedde in overeenstemming met 's Konings bevelen. Waar nu de verhouding van den Gouverneur-Generaal tot den Minister van Koloniën zoodanige macht aan den Minister toekent, en uit den aard der zaak moet toekennen, behoort bij diens behandeling der koloniale aangelegenheden voorzeker groote behoed-

') Mr. C. E. van Kesteren in Indische Gids 1879 dl. II blz. 67.

Sluiten