Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5

zijn; opdat zij niets zouden missen, werd het slachtoffer niet hooger opgehaald, dan juist zoover, dat hij met de teenen den grond niet meer kon bereiken. Den doode werd soms zijn pijp of een takje in den open mond gestoken. Huiveringwekkend lijkt deze cynische spot voor de oogen van vrouw en kinderen.

Naast zijn bloeddorst valt zijn gemis voor rechtvaardigheid op. Dat het hem niet om een beginsel te doen was, blijkt uit het feit, dat hij b.v. personen spaarde, die hem vergezellende journalisten als verwanten herkenden. Het kon hem niet schelen, lachend schonk hij zoo iemand het leven.

Zoo is zijn bloedig spoor door Hongarije te vervolgen. In Zsolnok liet hij 87 menschen ophangen, in Debrecsen 80, in Budapest meer dan 500; het getal zijner slachtoffers in de dorpen is niet geteld.

Op het einde der diktatuur steeg zijn bloeddorst steeds hooger. Hij wilde zijn terroristen 48 uur vrije plundering in Budapest geven. Op 1 Augustus 1919 waren de Roemenen echter op 30 kilometer der hoofdstad genaderd, en de roode regeering trad af. Kun vluchtte tezamen met eenige commissarissen naar Oostenrijk; Szamuelly sloeg dezelfde richting in, met 2 terroristen in een auto gezeten. Diep in den nacht kwam hij in de grensgemeente Savanyuküt, waar het bericht van den val der sowjet nog niet was doorgedrongen. Daar zocht hij den commandant der roode troepen op en eischte hulp voor het overschrijden van de grens. Deze verwees hem naar den koopman Barna. Die bracht hem naar Zollner, den president van den sowjet ter plaatse. Zollner nam Stockschneider in den arm. den president van de arbeiderssowjet in Wiener-Neustadt. Voor duizend kronen beloofde Stockschneider zijn hulp. Barna en Zollner brachten het tweetal tot de grens en keerde terug naar Savanyküt, waar Barna nu eerst hoorde, dat Szamuelly op de vlucht was, en zijn diktatorschap tot het verleden behoorde. Zakenman als hij was, telefoneerde hij aan den kapitein der Oostenrijksche grenswacht in Oedenburg, dat Szamuelly over de grens was gevlucht, en deze beval de wacht in Wiener Neustadt hem gevangen te nemen. Ondertusschen droeg naast de brug tusschen Lichtenwörth en Pötsching, dié door gendarmen bewaakt werd, Stockschneider den vluchteling over de grens/ rivier de Leitha, daar Szamuelly zijn lakschoenen niet nat wilde I maken; en hier arresteerden hen de Oostenrijksche gendarmen Salatek en Schwartz, die hen naar het posthuis Lichtenwörth brachten. Terwijl de wachtmeester Zachra een verhoor afnam aan Stockschneider, draaide Szamuelly zich wat om, haalde

Sluiten