Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BUITENLANDSCHH POLITIEK

94

29 Juli nam de Eerste Kamer het ontwerp op dezelfde wijze aan; 31 Juli 1920 stond de wet in het Staatsblad (No. 681).

BUITENLANDSCHE POLITIEK.

De politiek der sociaaldemokratische Kamerfractie ten aanzien van het buitenlandsch beleid was steeds — in overeenstemming met die der gansche S. D. A. P. — gericht op internationaal vredelievend overleg, op de grootst mogelijke openbaarheid der diplomatieke handelingen, met medezeggenschap der Staten-Generaal, en erkenning van het recht des volks in al zijn geledingen tot behartiging zijner internationale belangen.

Zoo stelde Troelstra reeds 1 Oktober 1918 voor, een adres van antwoord op de Troonrede te ontwerpen, waarbij hij, behalve den ekonomischen nood en het militair beleid der regeering, ook bespreken wilde de vraag, wat de Kamer in groote trekken aan de regeering heeft ten aanzien van het buitenlandsch beleid. Hoe vatte zij de neutraliteitspolitiek, waarvoor zij zich in algemeene termen had verklaard? aldus was de vraag van Tr. (bladz. 20). Vrijheidsbonders als mr. Visser van IJzendoorn en de kath, dr. Nolens zetten echter terstond den domper op het voorstel, evenals de heeren Lohman en v. d. Voort v. Zijp. Bat debat kon wel bij de Staatsbegrooting etc. worden gevoerdis (Wijnkoop kwam bij die gelegenheid met het plan, de vorige regeering — van Cort v. d. Linden en Loudon) — in staat van beschuldiging te stellen wegens schuld in den wereldoorlog; zie daarvoor onder „Comm. Partij" en onder „Ministerieele verantwoordelijkheid")..

Het voorstel, terstond o.a, over het buitenlandsch beleid van mr. van Karnebeek licht te verspreiden door een adres-debat, werd 1 Okt. '18 verworpen met 67 tegen 27 stemmen (bladz. 31). Vóór stemden alleen de sociaal-demokraten en kommunisten, benevens dr. v. d. Laar. De vrijzi-demokraten, die in September 1921 zulk een haast hadden om over de kabinetskrisis te interpelleeren, terwijl de alg. begrootingsdebatten voor de deur stonden, waren nu bang voor te veel rompslomp bij een adres-debat, hoewel vroeger bij de afschaffing van het adres v. antwoord uitdrukkelijk is afgesproken* dat bij bijzondere gelegenheden zulk een adres kon worden verzonden. Het voorstel kwam nu echter niet van eigen partij

Terstond (11 Oktober '18) daarop interpelleerde Troelstra, met v. Ravesteyn, de regeering over het buitenlandsch en het militair beleid. Onder de vragen was etybehalve over de in- en uitvoerpolitiek, ook een over de kwestie, of de regeering genegen is, omtrent het buitenlandsch beleid voeling te houden met een parlementaire kommissie inzake dat beleid. Deze vraag werd door mr. v. Karnebeek bevestigend beantwoord. Overigens zou dat beleid zijns:nationaal en neutraal' Intusschen was het kabinet ten aanzien van dit beleid geheimzinniger dan ooit

Sluiten