Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

125

IN DB KAMER

zeggen: wat willen jullie met den vrede? Dat noem je nu kommunisme of socialisme en dat steunt op de bajonetten. Wanneer zal er dan vrede komen? Dat doet de vredesgedachte veel kwaad en daarom werp ik alle verantwoordelijkheid voor deze zoogenaamde socialistische of kommunistische republiek Van mij en schud haar van mijn rokpanden. Mijnheer de Voorzitter! Er is eens een Franschman geweest, die gezegd heeft! Bajonetten zijn overal goed voor, behalve om er op te gaan zitten. Dat gold toen voor de bourgeoisie, dat geldt thans ook voor de socialisten. En nu begint het Lenin dan ook reeds van achteren te jeuken. Die bajonetten beginnen hem reeds te prikken. Zij gaan daar in Rusland trouwens met pak en zak over naar het kapitalisme".

De heer v. Rav. zei daaromtrent een oogenblik later (bl. 424);

„Ik ben niet van plan, op de imbeciele opmerkingen van den heer Schaper.....

De Voorzitter: Ik moet den heer van Ravesteyn verzoeken, dit woord niet weder te gebruiken.

De heer van Ravesteyn: op de van volslagen onwetendheid getuigende opmerkingen van den heer Schaper in zake Sovjet-Rusland thans opnieuw in te gaan.

De heer Schokking: Als ze niet juist waren, zoudt u dat wèl doen!" — 0 zoo! Men weet, hoe de Fransche min,-president Briand zich ter konferentie te Washington in November 1921 mede beriep op het gewapende Rusland om te betoogen, dat Frankrijk in de wapens moet blijven.

Omtrent den door hem ten toon gespreiden ij v e r in de Kamer lijn ook mooie staaltjes aan te voeren. Ook hier echter vooral ook de meest interessante zigzag-politiek.

10 Dec. 1918 rees v. Ravesteyn in de Kamer op om een .Macht te doen.

„Mijnheer de Voorzitter!" sprak hij. „Ik heb reeds het woord gevraagd voor het afleggen van twee verklaringen.

De eerste namens de 4 leden van de revolutionair-socialistische Kamerklub, die, blijkens de houding, welke niet alleen de meerderheid dezer Kamer, maar ook en vooral de vertegenwoordiging van de Kamer als geheel, tegenover haar inneemt, bier in een uitzonderingspositie verkeert. Een uitzonderingspositie, die de uitdrukking is van de maatschappelijke en politieke verhoudingen buiten dit Parlement, en die als zoodanig niet anders dan normaal kan worden genoemd, doch die niettemin de fictie te niet doet, welke men hier tracht hoog te houden omtrent de volkomen gelijkheid der rechten en plichten van de leden dezer Kamer in dit lichaam".

Alzoo sprak plechtig mr. v. Ravesteyn Jr. Doch waarom deze klachte? Luistert!

„Ik wijs in dit verband op deze twee feiten, dat de leden onzer klub, de vertegenwoordigers der revolutionaire partijen,

Sluiten