Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GRONDWETSHERZIENING

184

partijgenooten, maar ik kan ook aanhalen een kollege dat prof. Straycken op 4 Mei 1909 heeft gehouden en dat onder den titel: „Ons Koningschap" in brochurevorm is uitgegeven", fBL 345).

Natuurlijk werd van burgerlijke zijde gepraat over het roemruchte Oranjehuis, maar Schaper zeide daartegenover 4 Nov, (bladz. 340), dat juist het aanzien van dat huis zou verhoogd worden, indien in de Grondwet werd neergelegd, dat bij het «H-. sterven daarvan tot de republiek zou kunnen worden overgegaan. De bourgeois-partijen waagden het daarop liever niet en stemden — op de vrijzinnig-demokraten na — 9 November tegen de amendementen van deze strekking. Het amendementTroelsra werd verworpen met 63 tegen 29 stemmen. Alleen de sociaal-demokraten, vrijz.-demokraten, kommunisten, met de S P.-er, beneyens v, d. Laar stemden voor (bladz, 378). Voor het bijna gelijkluidende amendement-Marchant stemde bovendien de hr, A. P. Staalman (bladz. 377). Een amend.-v. Schaik om art. 20 te doen vervallen en dus de zaak onbeslist [te laten» werd ook verworpen, terwijl aangenomen werden twee amendementen, waardoor de zaak eenigszins werd gewijzigd. Door aanneming van een amend.-Rutgers werd art.. 14 gelezen als volgt:

„Bij ontstentenis van een opvolger, krachtens een der drie voorgaande artikelen tot de Kroon gerechtigd, gaat deze over op den man of de vrouw, die den laatstoverleden Koning, in de lijn der afstamming van Hare Majesteit Koningin Wilhelmina, Piinses van Oranje-Nassau, het naast, doch niet verder dan in den derden graad van bloedverwantschap, bestaat.

Bij gelijken graad van bloedverwantschap hebben mannen boven vrouwen en heeft daarna de eerstgeborene den voorrang".

Dit amendement, waardoor weer ver verwijderde bloedverwanten van koningin Wilhelmina tot de troon kunnen wonden, geroepen, was een achteruitgang bij het voorstel der Staatskommissie. »Het werd aangenomen met 53 tegen 39 stemmen. Tegen waren niet alleen de sociaal-demokraten, vrijz.-demokraten en kommunisten, doch ook A. P. Staalman, eenige katholieken en de liberaal Ott (bladz. 376). Nu de regeering daaraan had toegegeven, deed Troelstra een tegen-voorstel, om art. 13 te doen vervallen, waardoor de erfopvolging vooreerst beperkt zon blijven iet Juliana. Dit. amendement werd eohter 9 Nov. ook verworpen, met dezelfde stemmen voos, beoevens die van den hr. Wijk (bladz. 376). De anti-rev. ver Loren wilde nu zelfs het regeeringsartikel op art. 20 verwerpen en dus alles laten zooals het is. Het regeeringsartikel kreeg echter 88 van de 92 stemmen. Nog werd met 72 tegen 21 stemmen aangenomen een amend.-v. Schaik, om art. 21 te lezen als volgt: >

„Wanneer bij overlijden des Konings geen bevoegde opvolger naar de Grondwet bestaat, worden de Staten-Generaal binnen.

Sluiten