Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

257

KLEINE PARTIJTJES

eens zonder hoofdei, stemming, aan. 5 Juli 1921 werd de wet afgekondigd (Stbl. 834). De wet zou later in werking treden.

Kleerekoper had intusschen 24 Mei '21 bij de behandeling nog de volgende motie voorgesteld:

„De Kamer, van oordeel, dat het gewenscht is, de vrouw tot het rechterlijk ambt toe te laten,

dat mitsdien de ten gevolge dier toelating noodige wettelijke voorzieningen onverwijld dienen te worden aangebracht.

noodigt de regeering uit, voorstellen tot dat doel ten spoedigste bij de Kamer aanhangig te maken" enz.

De voorzitter dreef door, dat deze motie later zal worden behandeld, met een stemming rechts tegen links.

Suze Groeneweg sprak een redevoering uit om de benoeming van vrouwen als kinderrechter te steunen en zeide daarbij o.m.:

„Ziekenverzorging en kinderverzorging is ... . een bij' uitstek uitgezocht terrein voor den arbeid van de vrouw. Nu zie ik in de uitoefening van het ambt van kinderrechter een soort kinderzorg". En verder:

„Ik heb waargenomen bij mijn vrouwelijke kollega's in de lagere klassen van de armenschool, dat zij juist schatten van teerheid over deze kategorie van misdeelden hebben weten uit te storten en juist met haar warme toewijding veel meer gedaan kregen dan met strengheid".

(Zie voorts onder Vrouwenrechten.)

KLEINE PARTIJTJES.

Opgericht werden in 1918 een aantal kleine partijtjes, klaarblijkelijk om eenige personen in de Kamer te brengen. Ter Hall met de Neutrale Staatspartij, Treub met den Ekonomischen Bond, W ij k met den Bond voor Demokratische Weermacht, Abr. Staalman met zijn Middenstandspartij, Bos, Braat met de Plattelandspartij, A, P. S t a a l*m a n met zijn Christ.-Dem. Partij en in zekeren zin ook v. d. Laar met zijn Christelijk Sociale en Kolthek met zijn Socialistische Partij — zij allen vertroebelden de politiek. Vooral deden dat de eersten, in de laatstgenoemden school nog éénig politiek beginsel. De Neutrale Staatspartij , de Ek. Bond en de Middenstandspartij zijn samengesmolten met den Vrijheidsbond; het waren nooit anders dan verkapte liberalen, terwijl toch den kiezers wel iets anders werd wijsgemaakt. Wijk van de Dem. Weermacht was een jammerlijk fiasko. In de Kamer niets in tel, behalve dan als hulpkracht voor de militaristen, buiten de Kamer als mislukt beschouwd, kwam hij schier niet anders dan als er een militair vraatfstuk aan de orde was, om het van den kleinsten kant te bekijken. Voor de politie deed hij niets, [alhoewel zijn lijst met de Politie-partijf.!) was verbonden. — Wat Braat is weet nu iedereen. Men zou hem, met een Duitsch

17

Sluiten