Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

293

DE INDRUK

wet"! Terecht is deze zegepraal der regeering een „Pyrrusoverwinning" genoemd, naar den koning in de Grieksche oudheid, die bij een overwinning zooveel manschappen verloor, dat hij uitriep: nog één zulk een overwinning en ik ben verloren!

De minister heeft in zijn rede ook gezegd, dat ten gevolge van de aanneming der wet van de legerbegrooting voor 1922 2 millioen zou worden afgetrokken» 04 dit werkelijk een bezuiniging zal zijn, zelfs op deze begrooting, is zeer de vraag, want in deze zaken wordt de Kamer steeds weer slachtoffer van militaristische goochelarijen met de begrootingen, In ieder geval beteekent de nieuwe Dienstplichtwet bestendiging van veel te hooge uitgaven voor het militarisme.

De indruk. — De liberale ,,Nieuw» Courant", welke het zou hebben betreurd, indien bet voorst el-van Dijk zou zijn verworpen, voegde in baar overzicht van- den volgenden morgen aan haar voldoening over de beslissing de opmerking toe, dat ze haar niet bevredigend'acht, In dit verband oordeelt het blad:

„Dat een zoo bij uitstek gewichtig: ontwerp als dit betreffende den dienstplicht, waarbij de basis voos onze weermacht wellicht voor afzienbaren tijd wordt vastgesteld, door de volksvertegenwoordiging wordt aangenomen met slechts twee stemmen meerderheid en tegen de owsttuiging van alle politieke partijen aan de linkerzijde, is een betreurenswaardig verschijnsel".

Heviger teleurgesteld-is „De Voorhoede", het bekende kath. weekblad. In zijn nummer van eind December (zie Het Volk van 28 Dec. '21) schreef het blad:

„Het is een stap terug op den goeden weg, dien minister Pop met zijn wetje tot tijdelijke afwijking van de militiewet in eerste instantie wilde inslaan.

Wat persoonlijke lasten betreft brengt het eenige vermindering, vergeleken bij de wet-Colijn: de jaarlijksche lichtingsterkte wordt bepaald op 19.500 man. Vergeleken bij den huidigen feitelijken toestand, een lichtingsterkte van 13.000 man voor de lichting 1921, brengt het een aanzienlijke verzwaring. De ramp, waarvan mr. Bomans destijds sprak, dat n.1. „van de kontingentsvermindering tot 13.000 man ooit weer zou worden afgeweken", is werkelijkheid geworden.

Ten opzichte van de financieele lasten staat beslist geen vermindering, maar beduidende begrooting van kosten in het vooa\ uitzicht. ■

Deze minister — het blijkt duidelijk uit heel zijn red» '—- is niet doordrongen van de idee van zij» ambtgenoot, minister ; Ruys de Beerenbrouck, dat „kleine naties op het stuk van vermindering van bewapening gerust ietwat voorop mogen gaan".

Angstvallig wil hij, wat de technische uitrusting van het leger betreft, de groote mogendheden nadoen, zoodat reeds een kommissie bezig is de aanwending van gifgassen in den oorlog ook \ voer ons land te bestudeeren.

Sluiten