Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NOVEMBER-BEWEGING

338

schoppen het verzet tegen de Engelsche kroon; in Duitschland profiteerden de katholieken onmiddelijk van de revolutie in 1918, door met socialisten de regeering te aanvaarden.

In ons land komt ook soms hun geringe afkeer van geweld en onwettigheid aan den dag. Zóó sprak de ing. Bongaerts, het r.-k. kamerlid, 21 Jan. 1919 over de misstanden aan de Beersche Maas, waar de boeren zich zelf hielpen tegen de overstrooming. Wat zei deze getrouwe katholiek toen. Woordelijk het volgende:

„Dit is onrecht. De quaestie is overrijp voor een oplossing. De minister'zal in hetgeen er nu gebeurd is, wellicht een aansporing vinden; immers wanneer een regeering aan het volk in dezen onthoudt, waarop het prijs stelt en recht heeft, dan zal het, zooals gebleken is aan den Beerschen overlaat, over het hoofd van dé regeering heen, dat recht neme n."

(Wij onderstreepten. Men zie bladz. 1007 der Hand., doch ook de verbetering, 29 Jan. op bladz. 1169 aangebracht].)

Schaper kwant : terstond na dit op dreigenden toon gesproken woord tusschenbeide en sprak, nadat hij voor de Beersche heeren was opgekomen:

„Wat gebeurt nu hier? Door een katholiek lid van de statengeneraal wordt de minister bedreigd en gewaarschuwd: pas op, als gij niet doet wat de boeren Willen — ik neem nu aan dat wat de heer Bongaerts bepleit noodig is — dan zullen de boeren buiten de wet op hun manier nemen wat de regeering niet toestaat. De boeren hebben zich reeds om de wet niet bekommerd. Wij zullen dat onthouden, het zal te pas komen bij een andere gelegenheid!

Wanneer wij zoo optreden, mobiliseert men de geheele gewapende macht en neemt vreeselijke maatregelen. Dan scheldt men ons uit voor alles wat leelijk is, en stelt ons aan de kaak als halve bolsjewiki, maar wat hier door den heer Bongaerts is gezegd is het reine bolsjewisme.

ii '©fe heer Bongaerts: Ik heb eenvoudig gekonstateerd wat er gedaan was, zonder meer, en zonder goedkeuring. Ik heb het afgekeurd en gezegd dat het betreurenswaardig was.

De heer Schaper: Ik heb goed geluisterd en ik heb van'air keuring in uw tweede rede niets gehoord. U hebt dreigend den vinger opgestoken en gezegd.' als gij het niet doet, doen de boeren het eenvoudig op eigen gezag.

De heer Bongaerts: Ik heb niet gedreigd, maar. alleen gekonstateerd wat belanghebbenden gedaan hadden.

De heer Schaper: Ja, zoo konstateeren wij ook: als gij niet voor spoedige hervormingen zorgt, dan...... (bladz. 1008).

Wat dat onschuldige „konstateeren" van ing. B. betreft, het was volkomen onjuist. — De katholieken hebben in de kamer ook een heer v. Groenendaefcl die 11 Nov. 1919 dóór mr. Kooien namens de kath: kamerclub werd beschuldigd van landsvêr-

Sluiten