Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

887

VRIJZINNIGEN OVER DE ONTWAPENING

en geld achten wij dringend noodzakelijk. En deze uitingen van militaire personen en handelskringen wijzen er wel op, dat er in dan lande een sterke strooming is tegen aanzienlijke uitgaven voetleger en vloot. Elk nieuw ontwerp van legerwet, dat met deze strooming geen voldoende rekening houdt, zou op een nieuw fiasko voor de regeering uiÜoopen.

Dat zullen onze regeerders, die zelf allerminst militaristisch zijn aangelegd, ook wel voelen. En daarom hopen we nog steeds, dat er straks een flinke opruiming zal plaats hebben.

Dit zal dan ook in overeenstemming zijn met de internationale beweging. Overat Is er een dringen en drijven naar geleidelijke ontwapening zichtbaar. Al kan geen enkel land zich in eens heelemaal bloot geven, ze steunen toch elkaar door overal wat te doen. En als de kleinen vooraan gaan, zal dat een machtig voorbeeld ten goede kunnen zijVV-' * ' Men zie echter onder de „Nwe. Dienstplichtwe t!"

Vrijzinnigen over de ontwapening. — In „De Gids" van Oktober 1916 oordeelde aldus de nu overleden vrije liberaal Mr. W. H. de Beaufort:

Geen ontwapening — men ontveinze zich dit niet, — beteekent voortzetting der tegenwoordige bewapening: de afdanking wel is waar van een deel der thans onder de wapenen staande legermacht, maar daarnaast toepassing van alles wat de tegenwoordige oorlog op het punt van dooden en vermelen heeft geleerd, vermeerdering van den voorraad oorlogstuig, uitbreiding van het leger, stichting Van reusachtige versterkingen, aanbouw van schepen met de kostbaarste vernielingswerktuigen uitgerust, vervaardiging van een onnoemlijk aantal vliegtuigen van allerlei aard en vermogen en nog veel meer. Zal een zwaar beproefd en verarmd Europa bij machte zijn om dit te doen en zoo de regeeringen het aandurven, zullen de volken het gedoogen? In de meeste groote Europeesche landen bestaat tegenwoordig algemeen of zeer uitgebreid stemrecht, de mogelijkheid om zich op wettige' wijze te uiten is derhalve voor de vólken geopend. Kan men zich voorstellen, dat de vertegenwoordigers, gekozen door manhen, die de afschuwelijkheid van de tegenwoordige oorlogsvoering aan den lijve hebben gevoeld, hunne regeeringen zullen toestaan om den weg te plaveien, die ontwijfelbaar tot een nieuwen oorlog moet voeren en dat wel binnen een kort tijdsverloop?"

Onder het hoofdje ,,D emokratische Part ij" kan men zien, dat ook onder de liberale demokraten, als het vroegere kamerlid prof. Heeres, de drang naar ontwapening opkomt, al wil het officieele liberalisme en de Vrijheidsbond er niet van weten en aarzelen de vrijz.-demokraten al te zeer.

Mr, Marchant deed in de Kamér schier niet anders dan onze ontwapenings-eisch hoonen. Maar, zooals het met deze dames en heeren steeds gaat, zij draaien bij als ze zien, dat het nu een-

Sluiten