Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

425

ONZE TEGENSTANDERS EN DE SOCIALISATrat

ri^i&chappij moet veranderd door socialisatie, dan verzet zich de vrijz.-demokraat".

Op de redeneering over het „sociaaldem. dogma gaan we niet in; het onderstreepte geeft weer wat wij bedoelen. Het is de oude geschiedenis met de vrijfc-demokratie: eerst er op smalen (denk aan de staatSpensioneering) en dan nastreven.

Wat de anti-revolutionair en betreft, ook in dien kring gingen er stemmen voor op. In het „Handelsblad" van Nov. 1920 kwam een artikel voor van anti-rev. zijde. In dat stuk heette het (zie „Het Volk' van 24 Nov.):

„Ook de socialistische gedachte begint onder de kalvimstische intellektneélen en ook onder de christelijke arbeiders al meer aanhangers te krijgen. Onder de gereformeerde predikanten zoowel als onder gereformeerde theologen, die op kansels in de Ned. Herv. Kerk «taan, zijn er, die de juistheid erkennen van de socialistische stelling, dat alleen door de opheffing van den privaten eigendom van bodem en productiemiddelen de juiste oplossing van het sociale vraagstuk is te verkrijgen. Ook onder gereformeerde philologen en juristen begint deze gedachte aanhang te vinden." ,

Over een mogelijke .sluiting der fabrieken schreef de Uids var. het GSt, Nat. Vakverbond in Jan. "21 (zie Het V. v. 14 Jan.): „Door deze en dergelijke maatregelen wordt zeer duidelijk gedemonstreerd, dat de beslissing over zulke maatregelen niet uitsluitend aan de belanghebbenden kan worden overgelaten. Hier'-wordt door enkelen beslist over een maatschappelijk belang. Dat kan niet duurzaam worden getolereerd. De maatschappij «elve zal bij de beslissing over aangelegenheden als inkrimping der productie, 't zij dan van de ruwe grondstof of var. bewerkte artikelen, een woord moeten meespreken".

In „Patrimonium" van Jan. '21 schreef zekere D. W. het volgende (zie Het V. van 27 Jan.):

,,'t Kan mij' 'üverigens niet schelen, of men dit laatste (n.1. Wat hij bepleit) noemen wil: bdrijfsorganisatie of socialisatie. Wil men aan het christelijk-sociaal-dubbel-program den naam van socialisatie toekennen (ds. Sikkel in zijn' brochure wildé ook alreeds geen afstand doen van 't woord socialisatie) — het is mij wel. De naam doet er minder toe. En stel het geval, dat wc met verstandige socialisten het eens konden worden over de «lak (medezeggenschap, enz.) dan was 't anderzijds heel makkelijk om 't met hun ook eens te worden over den naam. Een dergelijk kompromis ware zeker te sluiten. Mits maar vaststa, dat de verhouding van gemeenschap en individu van dien aard zijn kan, dat het overwicht der gemeenschap niet te groot worde." .

1 Juni 1920 hield het Ned. Werkl. Verbond „Patnmontam een kongres. Daar konstateerde zekere heer Hollander uit Arnhem, „dat het vraagstuk der socialisatie in ,J?at»imonium pas begint te leven. Het zal echter noodig zijn het vraagstuk

Sluiten