Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPOORWEG-POLITIEK

452

en zoo noodig geregeld; b. dat de verzekering zoodanig wordt geiegeld dat niet alleen in theorie maar ook in de praktijk alle arbeiders aan die verzekering kunnen. deelnemen, ongeacht of zij al dan niét georganiseerd zijn; c. dat er een behoorlijke verdeeling van de lasten is; d. dat de werkgevers, medezeggingschap krijgen in het Bestuur der kassen, o.a. bij de beoordeeling ling van het begrip „passend werk"; e. dat waarborgen gegeven worden, dat de uitkeeringen zoodanig worden gesteld, dat de prikkel tot werkzoeken niet verloren gaat; f. dat verschil bestaat tusschen de uitkeeringen aan kostwinners en aan niet-kostwinners; g. dat ■ maatregelen worden getroffen, om de werkgelegenheid te verruimen; h, dat de termijn van de uitkeering gelimiteerd worde. (Zie verder onder „W erklooz e n-z o r g").

SPOORWEG-POLITIEK,

Bij hoofdstuk Waterstaat van de Staatsbegrooting hebben de sociaaldemokraten zich steeds beijverd om den dienst der spoorwegen te bevorderen, nieuwe verkeerslijnen te doen aan- j leggen en de belangen van het publiek te behartigen. Dit bleek zoowel uit het stellen van Vragen, als uit de debatten in de Kamer. Het gaat evenwel moeilijk, hierbij in bizonderheden te treden, daar de diskussies hieromtrent zeer in bizonaerheden afdalen en dikwijls plaatselijke belangen betreffen.

Aandeelen-Spoorwegmpijen, — 23 Febr. 1918 was een wetsontwerp ingediend tot Aankoop voor 's Rijks rekening van aandeelen der Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen en der Hollandsche IJzeren Spoorweg Maatschappij,

De strekking van het wetsontwerp is, door het nemen van aandeelen in de naaml. vennootschappen der spoorwegen, daarop rechtstreekschen invloed te bekomen. De koersen waren toen betrekkelijk gunstig, daar zij belangrijk beneden paris stenden. De regeering zou dan de vrije hand worden gelaten en de ministers zouden dus eenvoudig gemachtigd worden om geleidelijk aan te koopen. De behandeling van het ontwerp is ] sleepende gebleven. Het werd achterhaald door een ander.

Overeenkomsten met de Mpijen. — 13 Dec. 1920 kwam een verder strekkend wetsontwerp in. Voorgesteld werd, de ministers van waterstaat en financiën te machtigen, omtrent het spoorwegbedrijf en met de mpijen. overeenkomsten aan te gaan, zoodat de Staat de grootste aandeelhouder zou worden. |

De regeling, belichaamd in de voorgestelde en aangegane overeenkomsten, gaat uit van de hoofdgedachte, dat de aandeelenkapitalen,' thans bedragende 18 millioen voor S.S. en 22^2 millioen voor H.S., worden Uitgebreid met door den Staat te nemen bedragen van 22 en 27Va millioen, zoodat de Staat in

Sluiten