Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STRAFVORDERING _

466

zoodanige grens uitgebreid, dat dit voor mij — ik wil het gulweg zeggen — het bedenkelijkste in deze gansche herziening is, wat een politiek gevaar met zich brengt en bij mij de vraag doet opkomen of dit kwaad niet grooter is dan het goede in deze herziening, want ik ben zeker niet blind voor het goede in dit ontwerp," sprak KI,

De behandeling van art, 509 (later 512), luidende;

„In het geval van ontdekking op heeterdaad van eenig strafbaar feit, waardoor de openbare orde ernstig is aangerand en ter zake waarvan voorloopige hechtenis niet is toegelaten, kunnen de maatregelen, in de navolgende bepalingen omschreven, worden toegepast, indien tegen den verdachte gewichtige bezwaren bestaan en er groot gevaar is voor herhaling of voortzetting van dat feit", gaf dan ook aanleiding tot een stemming, waarbij de sociaaldemokraten en kommunisten tegen stemden. Het werd aangenomen met 50 tegen 12 stemmen (bladz. 2005). Het spreekt vanzelf, dat dit geen sociaaldem. votum is voor alle tijden tegen de instelling der z.g. „Strafbefehle", De Titel „Rechterlijke bevelen tot handhaving der openbare orde" gaf aanleiding tot vrees voor misbruiken. Ter kenschetsing van de wet nemen zij hier nog overgenomen artt. 515 en 516, die ten aanzien van deze materie van gewicht zijn:

„Art. 515. Indien de rechter-kommissaris geen termen vindt tot toepassing van eenigen maatregel op grond van artikel 512, beveelt hij de onmiddellijke invrijheidstelling van den verdachte.

In het andere geval geeft de rechter-kommissaris den verdachte voor een bepaalden termijn de noodige bevelen ter voorkoming van herhaling of voortzetting van het feit en vordert van hem eene bereidverklaring tot nakoming van die bevelen. De termijn eindigt van rechtswege op het oogenblik dat het ter zake van het strafbare feit gewezen vonnis in kracht van gewijsde is gegaan, of, indien daarbij straf of maatregel is opgelegd, zoodra het vonnis kan worden tenuitvoergelegd.

De rechter-kommissaris kan tevens verlangen dat voor de nakoming van de bevelen, in den vorm door hem te bepalen, zekerheid zal worden gesteld.

Omtrent de zekerheidstelling gelden de bepalingen van artikel! 80, derde en vierde lid.

De bevelen mogen de godsdienstige of staatkundige vrijheid niet beperken."

„Art, 516. Indien de bereidverklaring wordt afgelegd en de verlangde zekerheid gesteld, beveelt de rechter-kommissaris de onmiddellijke invrijheidstelling van den verdachte."

Het ontwerp bevatte overigens veel onvoorwaardelijk goeds op modern-juridisch gebied.

11 Mei 1920 stemden tegen het ontwerp alleen de konservatief-liberaal mr. v. Doorn en v. Ravesteyn; 77 stemmen werden er vóór uitgebracht (bladz, 2188).

Sluiten