Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOLKSGEZONDHEID

486

De wet bestaat uit 52 artikelen. Art. 4'luidt:

1. Slachtdieren zijn vóór en na het slachten aan keuring onderworpen.

2. Gestorven en in nood gedoode slachtdieren zijn aan de keuring na het slachten onderworpen.

3. Doodgeboren dieren, ongeboren vruchten, gestorven eenhoevige dieren en runderen, welke jonger zijn dan zeven dagen, en gestorven schapen, geiten en varkens, welke jonger zijn dan dertig dagen, worden vernietigd, tenzij het vleesch overeenkomstig de voorschriften, vastgesteld krachtens artikel 18, voor voedsel voor mensch en dier onbruikbaar wordt gemaakt.

De gemeenteraad moet bij verordening de keuring regelen; de kosten zijn voor de gemeente. Volgens kon. besluit van 20 Juni 1921 moeten binnen 3 maanden na 1 Aug. 1921 de gemeenteraden, die nog niet de wet uitvoerden, de keuringsdienst inrichten.

7 Febr. 1922 verzekerde min. Aalberse, dat er een geringe wetswijziging zal plaats hebben ten aanzien van de huisslachtingen. 15 Februari kwam dit ontwerp in.

Tuberkulose-bestrijding. — De t.b.c.-bestrijding geschiedt van Rijkswege door het uittrekken van gelden op de begrooting voor het departement van arbeid, evenals die van lupus, kanker enz. Tot voor kort voerde de Nederl. Centrale Vereen, tot bestr. van Tuberkulose de maatregelen die daartoe noodig zijn uit, terwijl het Rijk subsidieerde. De plaatsel. vereenigingen, ook het Groene Kruis hadden voor hun gemeente het werk te verrichten, dat bestaat in huisbezoek bij de lijders, het uitreiken van steun voor woningverbetering, terwijl sanatoria en lighallen werden gesubsidieerd voor de opneming van patiënten. Zij leidt huisbezoeksters op. Doel der vereeniging is bovenal de bevolking op te voeden tegen de t.b.c, belangstelling te wekken voor den strijd tegen de t.b.c. en als volksziekte en voorts daartoe gelden in te zamelen door verkoop van de Emmabloem enz. Zij houdt een reizend tub.-museum, geeft een tijdschrift uit en verspreidt populaire geschriftjes en schilden met opschriften ter waarschuwing. Sedert 1920 ongeveer heeft min. Aalberse de zaak ietwat anders geregeld. Inspekteurs en een inspektrice zijn aangesteld om den strijd tegen de t.b.c. te leiden en behalve het opleiden voor huisbezoeksters en de propaganda, door het museum, heeft het Rijk de t.bc.-bestrijding overgenomen. Het wetenschapelijk onderzoek blijft ook bij de vereeniging. Indien deze reorganisatie het middel is om de werkelijk benoodigde gelden dan ook uit te trekken, kan zij als een verbetering worden aangemerkt. Echter heeft in 1921 min. Aalberse wel ruim een millioen voor de bestrijding dezer ziekte uitgetrokken, doch is tevens het plan geopperd om de sanatoria weinig of niet meer te steunen. Er is een groeiend tekort aan sanatoria, heet het. Maar er komen te veel patiënten in die toch te ver gevor-

Sluiten