Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VUÜRWapENWET

492

boden het maken van bommen. Het is inderdaad waanzinnig; dat'iedere meubelmaker, kleermaker, sigarenmaker of aanspre^ ker in zijn eigen huis bommetjes kan maken, waardoor gebouwen en menschen in de lucht kunnen vliegen bij de minste onvoorzichtigheid. (Er *4s toen kort geleden gebleken, dat een Amsterdammer zulke dingen maaï!fé)>i *!

De inrichting van dit ontwerp keuren wij echter af; in het bizonder kulmineerend in art. 9. Door dit ontwerp wordt niet een algemeene regeling getroffen ten aanzien van de ontwapening, doch wordt de bevolking gescheiden in bokken en schapen. Bij de toepassing zal men kunnen komen tot de grootst mogelijke willekeur. Daaraan kunnen wij niet meedoen. Wil men de bewapening beteugelen, dan moet men in bepaalde omstandigheden alle wapenen innemen, behalve dan bij voorbeeld jachtgeweren, die werkelijk bona fide kunnen worden gehouden. Maar op deze wijze wordt een aantal menschen uitgezonderd en worden de anderen machteloos overgeleverd aan allerlei ongevallen, inbrekerij e.d. Dat keuren wij af".

„Dit wetsontwerp is ook niet te beschouwen buiten verband met hetgeen tegenwoordig gedaan wordt van regeeringswege. Zenuwachtigheid phantasie, geboren uit revolutievrees, en politiek spelen een groote rol", voegde Sch. er aan toe en hij vervolgde: „Bij den gemoedstoestand der regeering en de bedoelingen, waarmede zij bezield is, kunnen wij er niet toe koT men onze stem aan dit wetsontwerp te geven en een deel van de verantwoordelijkheid voor de totstandkoming er van te dragen".

Toen minister Heemskerk zeide, dat de goede menschen wel verlof zouden krijgen, antwoordde Sch.

„Er is gezegd, dat brave lieden wel een machtiging krijgen zullen, en dat kan wel. Wanneer alle menschen braaf of slecht waren, zou deze regeling niet verkeerd zijn. Maar er is een groote middenmoot van menschen, van wie men niet weet, of zij tot de braven dan wel tot de slechten behooren en de vraag of iemand een wapen mag hebben of niet kan daarom aanleiding geven tot de grootste politioneele en burgemeesterlijke willekeur'1.

Die willekeur is later ook gebleken. Burgerwachters mogen paffen met 's lands geweren, maar sommigen arbeiders wordt een verdedigingswapen geweigerd, b.v. in den Haag om hel enkele feit, dat zij op een bovenwoning wonenl

Het ontwerp werd 21 Mei 1919 aangenomen met 53 tegen 13 stemmen, die van de sociaaldemokraten en vrijz.-demokraten (bladz. 2345). De Eerste Kamer nam de wet 6 Juni 1*19 zonder hoofdei, stemming aan en 7 Juni 1919 stond zij in het Staatsblad (No. 310). 11 en 18 Juli kwamen reeds de kon. besluiten tot uitvoering. Het een en ander heeft niet belet, dat in 1921 in den Haag op het Frankenslag een bom werd gelegd.

Sluiten