Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

17

verrichten van daden loopen de disposities immers ten slotte wel op psychische of physieke verschijnselen uit, maar verhezen daardoor niets van hun eigenaardigheid, doelnajagende blijvende geschiktheden van een mdividueele eenheid te zijn. En ook verder hangt het psychische en physieke ten nauwste samen en treedt de vraag of het een dan wel het ander werkzaam is, op den achtergrond tegenover het feit, dat een uniforme grondeigenschap van den persoon zelf voorhanden is. De vraag is daarom gewettigd, of er reden voor bestaat de zich overal voordoende grondscheiding tusschen psychisch, en physisch voort te zetten. Voortdurend hetzelfde begripspaar betreffend, heeft ze toch, al naar gelang van het betrokken gebied — godsdienstphilosophie, metaphysica, psychologie, ethica, kennisleer —, betrekking op een veelvormigheid van kenteekenen. Ten onrechte is het nu uitsluitend de bewustzijnsquaestie, die voornamelijk de aandacht vraagt. Wetenschappelijk wellicht gemakkelijker te doorvorschen vragen als individuahteits-, teleologische, waardeproblemen verdienen evenzeer de aandacht Stern vindt daarin aanleiding de geheele scheiding tusschen psychisch en physiek voor een abstractie te houden. Wanneer toch het wezenlijke van het „ik" niet is, dat het psychische verschijnselen heeft, maar het die samenvat tot de afgeslotenheid van het mdividueele leven en ze richt naar de bestemming der eigen innerlijke doelnajaging en wanneer het wezenlijke van het organisme niet is, dat het physieke verschijnselen vertoont maar dat het ze samenvat tot de afgeslotenheid van het mdividueele leven en ze richt naar de bestemming der eigen doelnajaging, dan zijn de grondtrekken van hun wezen identiek en mag men den persoon psycho-physisch neutraal noemen. Maar tevens volgt uit een en ander, dat de persoon een unitas multiplex is;' uit één enkele psychische categorie kan men haar

Sluiten