Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK II.

WAAROM EN HOE HET KARAKTERPROBLEEM IS TE BEHANDELEN.

Staat het idealistisch positivisme in het algemeen van huis uit tusschen idealisme en positivisme in, streeft het naar een bevredigende synthese, het houdt stellig ook het midden tusschen optimisme en pessimisme. Evenmin als zijn aanhangers kunnen gelooven, dat de wereld zooals zij is de beste aller mogelijke werelden zijn zou, evenmin meenen zij, dat zij onverbeterlijk slecht is. Ontvankelijk voor de idee dat in alle kwaad een goede zijde, elk goed slechts van betrekkelijke waarde is, laten zij zich evenmin door eenige gelukkige opleving bedwelmen als door een ongelukkige stoornis terneer slaan.

Zoo voor ons idealistisch positivisme, zoo ook voor onzen tijd. Al schijnt inderdaad de vrede nog doodender voor ons idealisme dan de oorlog, hebben — zouden we willen vragen — de beproevingen, die we doormaken met het oog op de voor nieuwe indrukken zoo vatbare menschheid, niet ook hare goede zijde? En wel omdat werkelijke herlevingssymptomen eerder naar hunne intrensieke waarde zullen geschat worden, een al te spoedig herstel al te licht aan een slechts nietige, tijdelijke, eenzijdige oorzaak zou kunnen doen denken en daarom de rijpere, diepere bezinning voor overbodig doen houden. Waarmede - behoeft het nog gezegd? — allerminst wordt beweerd, dat de maat nog niet zou zijn volgemeten, neen overgeloopen, waar veeleer elke goede gelegenheid

Sluiten