Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

76

te veroveren, tot de geleidelijke ontwikkeling van verdere stadia. Nadat men geleidelijk ervoor heeft zorg gedragen de straffen van haar noodeloos wreed karakter te ont' doen, heeft men meer en meer zich er op toe gelegd haar in practischen zin te vervormen en zelfs niet geaarzeld straffen toe te passen in zoo verdunden vorm, dat het er in herkennen van de straf voor sommigen zelfs ondoenlijk was. 't Was vooral de verbeteringsidee die in ons strafstelsel een plaats kreeg, en de voorwaardelijke veroordeeling en soortgelijke instituten deed ontstaan. Onverbiddelijke voorwaarde voor de goede werking der idee welke hierbij voorzit is een tactvolle en exceptioneele toepassing; toepassing die in ieder geval verhindert dat de gevaarlijke opvatting postvat als Zou er een recht bestaan steeds eenmaal straffeloos te misdoen. Doch juist toegepast moet de voorwaardelijke veroordeeling een schrede vooruit zijn; zij kon zelfs op den duur niet worden bestreden door sommigen onder hare aanvankelijke tegenstanders die er oorspronkelijk principieel tegen gekant waren. Hetzelfde zal het geval zijn met het lof- of belooningsrecht, wier voorstanders op het oogenblik natuurlijk nog slechts verre in de minderheid zijn. En toch doet zich o. i. reeds thans zeer ernstig de quaestie voor, of men niet halverwege blijft staan, wanneer men het beginsel aanvaardt der voorwaardelijke veroordeeling zonder daarnaast tegelijkertijd dat van een lof- of belooningsrecht te erkennen. Voor dat het mogelijk zijn zal het hoogste punt der juridische evolutie te bereiken zal men minstens evenzeer tot het stadium zijn gekomen, waarin het beginsel van de belooning van het goede is aanvaard. Onverstoorbare optimisten, of zij zich nu absolute idealisten of anders noemen, vleien zich gaarne met de gedachte dat alles zich wel van zelf zal regelen. Maar wanneer men zich voorstelt dat het recht uit eigen beweging in

Sluiten