Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

Aan de helling der bergen, langs de heerlijke bocht van Salerno, ligt de stad van dien naam, het antieke Salernum, waar herinneringen aan Griekenland en Latium, aan Lombarden en Noormannen, Hohenstaufen en Anjous over elkander gegroeid zijn.

Zoo als er aan de aloës telkens zich nieuwe bladeren ontplooien, maar van de vergane de oude stronken zichtbaar blijven, dus ook die herinneringen.

In de Lombardische kathedraal rust onder antieke marmeren zuilen, naar de sage, de apostel Mattheus; in sarkofagen van het heidensche rijk slaapt het Christelijke stof van aartsbisschoppen, ongeërgerd door de bacchantische reliëfs, die vooren zijwanden van hun sarkofaag versieren, waarop schoone jongelingen met schaars en dun ontplooide meisjes toegeven aan het mainein, aan den Dionusischen dans, waarvan die van Sint Vitus een oudchristelijke vorm is geworden. Daar staat ook een stuk antieke zuilschaft, waarop drie heiligen onthoofd moeten zijn; later is de zaak omgekeerd en werden de schoone antieke kolommen van haar zuilhoofd beroofd door de heiligen.

Om naar Paestum te komen stoomt men van Salerno even naar Battipaglia en vindt daar den

Sluiten