Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

76

AMAZONE.

ellendig die verflenste schrale modellen die wij hier vaak hebben.

Aisma betuigde oprecht zijne goedkeuring, terwijl hij om het beeld heenging.

— Ja, mooi he? die lijn, — zei Askol, met zijn duim als modelleerend langs het beloop van het been wijzend.

Hij floot en gaf een wenk aan zijnen bediende. Deze zette eene groote met mat omvlochten flesch op de tafel en twee bekers, die Askol vulde met goudgelen Orvieto,

— Ga nu zitten, zeide Askol, die eene grappige wijs van bedisselen had; hij gaf Aisma een beker, stootte aan en riep: favorisca!

Dicht bij hen stond een reliëf in een rond, waarvan Aisma de oogen zoo spoedig niet kon afwenden. Het verbeeldde eenen zittenden satyr tegen wiens schouder een kleine gevleugelde Eroos leunt, die zijn pijl achter zijn rug verbergt. Er lag eene idyllische liefelijkheid over dit antiek gedachte en in antieken geest uitgevoerde bas-reliëf. Aisma sprak er van hoe hij de klassieke naïefheid hier goed in vond weergegeven.

— Ja, de antieken zijn eenig, in hun soort, zei Askol, maar toch moeten wij een eind verder gaan. Meer beweging, meer ziel,

— Ah! antwoordde Aisma, — een gevaarlijk punt, mijnheer Askol; voor een greintje geef ik u toe, en dan nog maar in sommige onderwerpen. Maar — dat is de breede weg, de weg ten verderve, en, om

Sluiten