Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

132

AMAZONE.

gaan steeds buiten de grenzen der beeldhouwkunst, zeide hij: ziel ligt er in de antieken, meer en dieper dan een modern mensch gewoonlijk bevroedt; men moet ze maar kennen en voelen. Al die heftigheid is niet altijd ziel, maar veel vertooning, en een beeldhouwwerk behoort niet te huis in de wereld der sentimentaliteit of dramatische roering, maar in die der plastische rust en verhevenheid.

— Kom, zeide hij, nu hebben wij genoeg.

— Mogen wij nu ook niets meer zien? Waarvoor toch! Kom!

En zij gingen weer snel voort, doch ontwaarden niet dat Marciana alleen achter bleef. Eerst onder aan de trap bespeurden zij dat en gingen terug. Eindelijk vond van Walborch haar in de stanza del faun o in een hoekje en zij bemerkte hem niet. Marciana had nog met gansch andere gevoelens dan van Walborch de Amazone, haar evenbeeld, beschouwd. Zij Stond nu geheel in gedachten bij een rond altaar, waarop een Bacchuskop geplaatst was. Op het altaar, las zij: ARA TRANQUILLITATIS, altaar der zielsrust, en daar tegen leunde zij peinzend met de hand.

— Kom, kind, weer bij dit altaar!

Zij schrikte op, glimlachte maar zonder vroolijkheid en zei:

— Ik had behoefte hier even mijne devotie te doen. Foei, onhandelbare Amazone.

Zij vatte en drukte zijne hand:

Sluiten