Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AMAZONE.

215

als in de muziek de levensader der schilderkunstwas. Beiden hadden dit gevoel uit hun gewone leven willen verbannen, het in hunne kunst opgesloten. Beiden ontwaarden nu duister dat kunst en leven zóo niet te scheiden zijn.

Ook voor hem was een nieuwe zijde der kunst opengegaan. De macht der poëzie had zich in hem wel bezielend doen gevoelen, de groote dichters waren hem bekend, maar niet gemeenzaam. Hij beschouwde hun werk instinktmatig als stof voor het zijne, als hulpbron, maar hij las ze om hunnen inhoud. De poëzie als zelfstandige kunst, als dichtkunst, hare techniek en eigene wetten, hare diepere grond waren hem niet als zoodanig bekend. Thans zag hij door haar dat zij bestonden. Beiden streefden aldus naar iets van de oude Italiaansche veelzijdigheid, naar het verbreeden en verdiepen van hunnen geest en hunne kunst.

— Het is eigenlijk verdrietig, zeide zij, dat wij zoo weinig en zoo slecht kunnen vertellen wat dat schoone is, dat wij in een werk zien. Reeds wat wij voelen is dikwijls onbepaald, maar al is het klaar, wij kunnen het niet met woorden aantoonen, alle woorden en bijvoegelijke naamwoorden zijn al afgestompt en versleten — misschien is het dan ook nog het best de eenvoudigste te gebruiken; zij doen wellicht beter dienst dan de superlatieven en metaforen.

Geen wonder zei de schilder lachend,—daarom schilderen wij omdat dat wat wij willen, niet in

Sluiten