Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AMAZONE.

251

— En gij wildet dan heengaan, en . . . ons op die wijs verlaten ....

— Ik geloof dat dit het beste is, wat zou ik anders doen?

— Naar Athene?

— Dat is al een oud plan van mij.

— Ik zou er nu niet gaan.

— Waarom niet?

— Weet gij niet dat er de cholera heerscht? Hel zou onverantwoordelijk roekeloos zijn.

— Dat zegt men, maar is het waar? En dan nog ...

— Gij zijt overprikkeld, . . . wat is er? Heeft Marciana u gekwetst?

— Ik heb geen recht mij te beklagen; ik heb mij alleen iets ingebeeld dat niet waar schijnt te zijn.

Van Walborch nam zijne hand:

— Spreek ronduit, — gij hebt haar lief — komaan, als ik je nu zeg dat dit mijn liefste droom was, zal je mij dan vertrouwen?

Aisma was getroffen en beantwoordde zijn hartelijken handdruk.

— Dat was ook mijn droom — maar zij denkt er anders over . . .

— Heb je daar goeden grond voor? Ken je den aard der vrouwen genoeg om door den schijn heen te zien? Zij is eigenaardig

— Ik heb het haar open gezegd, maar zij heeft mij met koelheid beantwoord. Zij heeft mij niet rond en oprecht behandeld, — zoo als trouwens de vrouwen meestal — zij heeft met mij een spel gedreven

Sluiten