Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11

Wegens den ongehoorden toeloop werd men genoodzaakt den toegang tot deze voordrachten te beperken door (natuurlijk gratis uitgereikte) entrée-kaarten.

„Ook ik" — zoo vertelt de reeds vermelde journalist — „heb zulk een voordracht bijgewoond. Op de straat zag ik al het gedrang. En toen ik met groote moeite binnen was geworsteld, vond ik de reusachtige zaal stampvol, hoewel het nog een half uur vóór den aanvangstijd was.

Trots het opééngepakt zijn van deze enorme menigte, heerschte alom zuivere orde en de diepste stilte.

Het sloeg acht uur. Een lichte beweging ruischte door de zaal. Petrow trad binnen.

Ik zag een meer dan middelmatig grooten man, met kastanjebruin haar, een sympathieke verschijning. Zijn heldere oogen stonden moede. Rustig en bescheiden was zijn voorkomen.

Op den katheder geklommen, bad hij met tot in de verste hoeken dóórklinkende stem het „Onze Vader".

En toen begon zijn voordracht, met een korte samenvatting van hetgeen in de vóórgaande vergadering was behandeld.

Onmiddellijk weefde hij zijn redevoering daaraan vast..

Alles luisterde. Niemand wilde ook maar één woord missen. Iedere zin was een gedachte, die terstond door pakkende voorbeelden geillustreerd en toegelicht werd.

En deze gedachten reiden zich tot een snoer, de ééne schakelde zich harmonisch aan de andere, en zóó ontstond een geordend en afgesloten geheel, dat men als een schat wilde bewaren en mee naar huis nemen.

Zonder afbreking of herhaling ging de woordenstroom gelijkmatig voort. Men hoort het aan en is verstomd over zulk een geheugen en volheid van kennis. Geen gebied van weten en kunst, waarop deze man niet thuis is.... de lier van den dichter, het penseel van den schilder, den beitel van den beeldhouwer, het laboratorium van den geleerde, den hamer

Sluiten