Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24

men water, lucht, vuur en ether, aan als het onveranderlijk grondelement in de wisseling der verschijnselen.

Dan eerst, wanneer de mensch deze vraag naar alle kanten heeft dóórgedacht, wendt hij den blik naar een nieuw en veel zwaarder probleem: de mensch begint over zichzelf te peinztn!

„De denkende mensch", zegt Bauer, „begint pas te letten op de wonderen die in de wereld des geestes plaatsgrijpen, nadat zijn oog zich zat gezien heeft aan het eeuwig onveranderlijke beeld van het hemelsch gesternte, en aan de eeuwig wisselende verschijnselen in de ons omringende stoffelijke wereld."

Deze hoogere trap van geestelijke ontwikkeling bereikte de menschheid met Sokrates. Hij was de eerste, die de wijsbegeerte losmaakte van de uitwendige natuur en haar inhaalde in de zuiver geestelijke sfeer.

Vóór Sokrates was het wachtwoord: Ken de wereld om u heen! — Sokrates begon met het bevel: Ken uzelf! —

Dit beteekende een flinke schrede voorwaarts. Maar ook niet meer dan een schrede. Het proces der ontwikkeling voltrekt zich uiterst langzaam. Alles gebeurt in den weg van* rijpwording. Zelfs de beschermgeest der wijsbegeerte komt niet met sprongen. De diepzinnige Sokrates, die den weg insloeg naar de diepten van zijn eigen wezen, was toch ook weer op zijn beurt eenzijdig.

Hij vond alleen den weg van de kennis, van het verstandelijk Inzicht. .

Van het zeer gecompliceerde en zeer verborgen leven des harten had hij geen besef, want hij ging uit van de onnoozele gedachte, dat de menschen alleen uit onwetendheid gemeen zijn.

Zijn spreuk was: „Wie het schoone werkelijk kent, zal ook dienovereenkomstig doen."

Ja, als dat waar was!

Maar welk een lange en zware weg ligt er tusschen de deugd-theorie en het leven?

Sluiten