Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

55

van den wil. Waar zijn de strijders voor de groote ideeën? Wie spreekt er nog van geweten en plicht? —

Maar hoe zou men in de moderne menschheid ook het sterk karakter en den vasten wil kunnen verwachten ?

Op den akker groeit immers wat men gezaaid heeft.

De opgroeiende jeugd is toch niet anders dan het resultaat van gezin, opvoeding en school!

Een werkelijk zedelijk karakter, dat is, het onaantastbaar heer zijn over zichzelf, het koningschap van het moreele instinkt over de lagere, dierlijke, driften, heeft de mensch niet van nature.

Karakters worden niet gevormd in het laboratorium, in de collegezaal, of in de stille werkplaats der natuur, maar in het ons omwoelende leven, en door den strijd om de juiste verhouding tot dat leven.

Wanneer bij de opvoeding van de jeugd wèl het verstand ontwikkeld en de smaak geschoold, maar niet de wil onder de tucht gesteld wordt, — dan groeien er ook geen karakters.

Het schijnt mij hier gewenscht even mijn betoog te onderbreken en met u eens na te gaan wat de vader van het moderne pessimisme, Schópenhauer, oordeelt over de door ons aan de orde gestelde vraag. *)

Schópenhauer zegt, dat de mensch met zijn karakter geboren wordt en dat daarin wezenlijk nooit verandering komt. Onder het wisselend omhulsel van zijn verschillende leeftijds-eigenaardigheden, van zijne verhoudingen, ja ook van zijne opinies en wetenschappen, verbergt zich — gelijk een kreeft in haar sohaal — de onveranderlijke ziel, de altijd dezelfde blijvende

') De twee zóó scherp van elkaar afwijkende filosofen, Schópenhauer en Nietzsche, zijn beiden .vertegenwoordigers der menschheid." Beider stelsel is „naar" den modernen mensch. Ze wonen beiden in één hart Met het optimisme van Nietzsche (de oppermensen I) klemt de moderne zich aan het leven vast, — met het pessimisme van Schópenhauer (waarvan Dr. Petrow hier een staaltje geeft), redeneert hij zijn zonde en verantwoordelijkheid weg. w.

Sluiten