Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

77

met de ooren zwaarlijk gehoord, en hunne oogen hebben zij toegedaan, opdat zij niet te eeniger tijd met de oogen zouden zien en met de ooren hooren, en met het hart verstaan, en zich bekeeren, en ik hen geneze."

Ieder van ons heeft een zekere nooddruft des harten.

Deze behoefte is uw kostbaarst en heiligst bezit.

Leer ze waardeeren, — oefen u om ze te volmaken. Bewaar in het hart de goddelijke vonk.

Het vuur uit te blusschen is niet moeilijk.

Maar weet dit: Wanneer de vlam gedoofd is en de wind ook nog de asch weggevaagd heeft, zoo kunt ge het vuur niet meer ontsteken.

„De kaars des lichaams is het oog," — zegt Jezus, — „indien dan uw oog eenvoudig (d.i. gezond) is, zoo zal uw geheele lichaam verlicht zijn; indien uw oog boos (d.i. ziek)is, zoo zal uw geheele lichaam duister zijn. Indien het inwendig licht verduisterd is, hoe groot zal dan de duisternis zijn."

De Qrieksche filosoof Epikteet had een vermoeden van deze waarheid, blijkens zijn vermaning: „Weet en bedenkt, dat, wanneer de menschen ongelukkig zijn, zij zelve de schuld daarvan dragen, want Qod heeft alle menschen tot geluk geschapen, — in geen geval daartoe, dat wij ongelukkig zouden zijn. God heeft met ons gedaan als een goed vader. In zijn liefde heeft hij ons alles gegeven, wat aan het geluk bevorderlijk kan zijn. Wanneer ons leven nu echter toch een mislukking wordt, als het tenslotte wordt een eentonige weg zonder doel, als een feestmaal, dat door vreemden wordt verteerd, — dan is dit een bewijs, dat wij onverstandig geleefd hebben."

Ja, waarlijk, de verhouding, waarin wij tegenover het leven staan, tegenover de vraag, hoe wij het leven moeten inrichten en gebruiken, — is dikwijls ergerlijk lichtvaardig.

Spencer zegt: „Het heeft er den schijn van, of de groote meerderheid der menschen het zich ten doel gesteld heeft, het

Sluiten