Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

93

deze wereld het morgenrood van een nieuw leven zou gaan lichten. Zij wachtten op dezen dag, angstig speurden zij naar de komst der eeuwige waarheid, — en eindelijk kwam ze, — daar klonk een stem uit Galilea: „Komt tot mij, allen die vermoeid en beladen zijt, en Ik zal u rust geven. Leert van Mij, en gij zult rust vinden voor uwe zielen 1"

En de menschen, uitgeput door het vruchteloos zoeken naar het ware levensideaal, volgden bij duizenden hem na, zonder zich te bekommeren om vervolging, folter en dood.

Christus' leer greep, als de groeiende vlam van een geweldigen brand, de geheele wereld van dien tijd aan, en al de stroomen van het martelaarsbloed, dat door de verachters van het kruis vergoten werd, was niet in staat dezen gloed te blusschen.

Het christendom baande zich een weg over de aarde als een steeds zwellende, majestueuze, alles meeslepende, stroom.

De evangelische wet der liefde tot God en de menschen Straalde hoog over de wereld als de lichtbundel uit een vuurtoren.

Het evangelie was de leid-ster in het eertijds ondoordringbaar donker des levens.

Het verzet van de, in vele eeuwen vastgewortelde, heidensche levensrichting tegen de nieuwe leer was hardnekkig, maar de zedelijke kracht van het christendom was zóó groot, dat niets duurzaam weerstand kon bieden.

„God is een Geest, en die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid", — heeft het evangelie verkondigd, en daarmede voor het eerst de Godheid afgescheiden van de aarde en van het aardsche. Het heeft daardoor de gedachten verheven boven de sfeer der zinlijke natuur, en boven menschelijke hartstochten.

God is geest, — niet natuurkracht, niet een vergoddelijkte held, maar een persoonlijk geestelijk wezen. Hij is de hoogste

Sluiten