Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5. BEKENTENIS VAN DEN MOORDENAAR1)

Wij waren jonge wilden: o, de vloek, Te moeten jong en dwaas zijn: niet te weten En tóch te doen... wel gauw weer is 't vergeten...

Maar later... later... Ach! 'k ben moede, ik zoek

Naar woorden, om te sussen mijn geweten, Doch vind er gééne... Zie daar, in dien hoek,

Daar staat Hij en hij glimlacht: schijnt te meten Den afstand naar mijn bed... geef mij dien doek,

'k Moet hoesten weer: bloed is 't: ik voel 't, als rijden Mij duivlen door de borst: 'k zal 't snel belijden, Want haast begeeft mij de adem... en ik sterf:

'k Heb eens in 't stormen der Toscaansche baren... ...Geef, geef mij de absolutie of 'k verderf... Voor geld een Engelsch scheepje omvergevaren.

l) Zie W. M. Rossetti's Memoir of Schelley, blz. 126. (London, John Slark 1886).

51

Sluiten