Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De oude man duwde Ingmar de gang in. Zelf bleef hij op den drempel staan met den deurknop in de hand.

„Als er nog iemand buiten is," riep hij met luider stem, „kom dan gauw binnen!"

Hij bleef staan met de deur op een kier. Van alle kanten kwamen menschen aanloopen.

„Naar binnen," riep hij, „komt dan toch binnen!" Hij stampvoette van ongeduld.

Intusschen werden de menschen in de kamer al banger; ieder wilde weten wat er dan toch te doen was. Eindelijk was de laatste binnen en Sterke Ingmar sloot en grendelde de huisdeur.

„Jullie dwazen, die buiten loopen als de berghond blaft," zei hij.

Op 't zelfde oogenblik klonk het blaffen vlak bij de deur, t ging een paar keer om 't huis heen, — een luid, griezelig blaffen.

„Is dat geen gewone hond?" vroeg een jongen.

„Je mag naar buiten gaan en hem roepen als je wilt, Niels Janson."

Allen zwegen om weer naar 't blaffen te luisteren, dat onophoudelijk om 't huis heen ging. Ze vonden dat het akelig, spookachtig klonk, ze rilden en velen werden doodsbleek. Och neen, dat was geen gewone hond; dat konden ze wel hooren. 't Was een of ander ondier, dat uit de hel ontsnapt was.

De kleine oude man was de eenige, die zich bewoog; hij draaide eerst den sleutel van de kachel dicht en dan het licht uit. „O neen, neen," riepen de vrouwen, „laat het licht aan!"

„Jelui moet mij laten begaan; dat is het beste voor allemaal," zei de oude. Een van haar greep hem bij de jas.

„Is die berghond gevaarlijk?" vroeg ze.

„Hij zelf niet, antwoordde de oude; „maar wat na hem komt." „Wat komt er dan?"

De oude man stond onbeweeglijk te luisteren. „Nu moeten we allemaal stil zijn," zei hij.

't Werd toen zóó stil, dat men een speld zou kunnen hooren vallen, 't Blaffen ging nog eens om 't huis heen, toen werd het geluid zwakker en men kon hooren hoe de hond den oever van het Langfors langs stormde en de bergen op, aan de andere zij van het dal. Toen werd het doodstil.

Een van de mannen kon niet laten te zeggen: „Nu is de hond weg."

Zonder een woord te spreken strekte Sterke Ingmar den arm uit en gaf hem een slag voor den mond. Toen werd het weer stil.

Van verre — heel boven van den Klackberg hoorde men een sterk geluid.

't Kwam neerstuiven van den berg met sterk gedreun. Ze hoor-

78

Sluiten