Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik zie, dat dit een vreemde vraag voor je is," zei de vreemdeling ,denk er eens over, tot we elkaar weer ontmoeten.

Hij ging glimlachend heen. Birger Larsson ging weer in de smidse? streek zich door 't haar, dat stijf en geel als koper was en begon weer aan 't werk. Maar de woorden van den vreemdeling vervolgden hem dagen lang. Wat was dat nu voor een vraag' ,Daar bedoelt hij iets mee, wat ik niet begrijp, dacht hu.

't Was de dag nadat de vreemdeling met Birger Larsson gesproken had, en 't was beneden in de kerkbuurt m Tims Halfvors ouden winkel, dien hij na zijn huwelijk met Karin aan zijn zwager Kolas Gunnar overgedragen had.

Gunnar was op reis en in dien tijd stond zyn vrouw Brita Ingmarsen in den winkel en dreef de zaken.

Brita stond achter de toonbank, mooi en deftig. Haar naam en uiterlijk had zij van haar moeder geërfd, de mooie vrouw van Groote Ingmar. Zulk een mooi meisje als Brita was nooit op de Ingmarshoeve opgegroeid. WÊL ■ i. •* i-i

Leek nu Brita niet op de oude Ingmarsens in haar uiterlyk, ze was even rechtvaardig en nauwgezet als iemand in haar ge-

Als Gunnar weg was, dreef Brita handel op haar eigen manier. Als de oude korporaal Fait kwam, de dronkaard, en met trillende handen om een flesch bier vroeg, zei Brita wrevelig „neen ' en als de arme Lena Kolbjörns een mooie broche koopen wou, zond Brita haar naar huis met een paar kilo roggemeel.

Geen kind waagde zich in den winkel, als Brita daar baas was, om zijn armzalige penningen te verkwisten aan rozijnen of suikergoed. De boerenvrouwen, die kwamen om lichte, dunne stadswaren te koopen, werden door Brita naar huis gestuurd om duurzame en degelijke stof op haar eigen weefstoelen te weven.

Dien dag had Brita niet veel klanten. Zij zat vele uren alleen. Toen werd ze moedeloos en staarde voor zich uit in de verte, met vertwijfeling in de brandende oogen.

Eindelijk stond zij op, zocht een touw, zette de trap uit den winkel in de kamer daarachter en maakte een strik vast aan een haak in den zolder. Brita was druk bezig. Ze was gauw klaar en zou juist haar hoofd in den strik steken, toen ze toevallig naar beneden keek.

De deur ging open en een lange, donkere man kwam binnen. Hij was in den winkel gekomen, zonder dat zij hem gehoord had, en toen hij daar niemand vond, was hij achter de toonbank omgegaan en had de deur van de kamer opengedaan.

86

Sluiten