Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ingmar trok de schutplank niet op, want als de zagerij aan den gang kwam, kon hij niets meer hooren.

De oude man zag hem onderzoekend aan: „Ik moest hier immers niet meer over praten."

Ingmar lachte even: „Je weet 't wel zoo te maken, dat je toch je zin krijgt," zei hij.

„Je kent dat malle kind wel, Gunhild, de dochter van den rechter Lars Clementson."

„Ze is geen mal kind," viel Ingmar hem in de rede.

„Je moogt het noemen, zooals je wilt. Maar dit is zeker, dat zij 'ook op Ingmarshoeve was, toen deze secte gesticht werd. Zoodra ze thuis kwam, zei ze tegen haar ouders, dat ze nu de eenige ware leer had aangenomen, en dat zij van hen weg moest en op Ingmarshoeve gaan wonen. Haar ouders vroegen haar natuurlijk, waarom ze weg wilde.

Ja, dat was omdat ze een rechtvaardig leven wilde leiden.

Ze zeiden, dat ze dat ook wel bij hen kon doen.

Dat kon niemand, die niet mocht samenleven met hen, die van 't zelfde geloof waren. .

Of ze dan allemaal naar Ingmarshoeve moesten verhuizen? vroeg de rechter.

Neen, zij alleen. De anderen hadden ware christenen in hun eigen huis.

De rechter nu is een goed man. Hij en zijn vrouw trachtten Gunhild met zachtheid tot rede te brengen, maar 't meisje hield vol en ergerde den rechter zóó, dat hij haar eindelijk opsloot in de kleine kamer en haar zei dat ze daar maar moest blijven zitten, tot haar krankzinnigheid weer over was."

„Ik dacht, dat je van Gertrud zou vertellen," viel Ingmar hem in de rede.

„Ik kom wel aan Gertrud toe, als je maar geduld hebt.

Ik kon je nu pas vertellen, dat den volgenden dag toen Gertrud en Moeder Stina in de keuken zaten te spinnen, de vrouw van den rechter bij haar binnenkwam. Ze schrikten, toen ze haar zagen. Zij, die er altijd zoo tevreden uitziet, was heelemaal beschreid.

„Wat is er? Wat is er gebeurd, en waarom ziet u er zoo bedroefd uit?" Toen antwoordde Gunhilds moeder:

„Men kan er wel niet beter uitzien, als men 't liefste heeft verloren wat men had."

„Ik wou, dat ik ze een pak slaag geven kon," zei de oude man.

„Wien?" vroeg Ingmar.

„Ach, Hellgum en Anna Lize. Zij waren 's nachts bij den rechter geweest en hadden Gunhild meegenomen." Nu gaf Ingmar een schreeuw van schrik.

100

Sluiten