Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te roepen. Ingmar bleef onbeweeglijk staan, alsof hij geen mensch, maar een beeld was.

„Goede hemel, hij kon toch wel heengaan," dachten de menschen. „Hij behoeft toch die ellende niet te zien. Maar de Ingmarsens doen altijd anders dan andere menschen."

Toen viel de eerste hamerslag. Ingmar schokte, alsof de slag hem getroffen had. Dadelijk daarna stond hij weer onbeweeglijk, maar met eiken hamerslag ging er een trilling door zijn heele gestalte.

Twee boerenvrouwen kwamen Moeder Stina voorbij, en spraken over Ingmar.

„Stel je voor, als hij maar een rijke boerendochter gevraagd had, dan zou hij geld genoeg gehad hebben om de hoeve te koopen, maar hij wil Gertrud van den schoolmeester hebben," zei de eene.

„Men zegt al, dat een van de groote lui hem Ingmarshoeve als huwelijkscadeau beloofd heeft, als hij zijn dochter wil trouwen," antwoordde de andere. „Zie je, niemand geeft er om of hij arm is, omdat hij van zulk een goede familie is."

,,'t Helpt wel, als je de zoon van Groote Ingmar bent."

,,'t Zou wel een zegen geweest zijn, als Gertrud wat gehad had om hem te helpen," dacht Moeder Stina.

Zoo langzamerhand waren de gereedschappen verkocht, en de verkooper ging naar een anderen kant van de hoeve. Hij begon zelfgeweven doeken en bedgordijnen te verkoopen, en hij hield ze omhoog, zoodat de geborduurde tulpen en de ingeweven bonte randen de heele hoeve over te zien waren.

Ingmar moest het gefladder van de doeken gehoord hebben. Met tegenzin hief hij de oogleden op. Een oogenblik werd zijn matte, met bloed beloopen oogen zichtbaar, die over de verwoesting heen zagen, toen sloten ze zich weer.

„Nooit heb ik zoo iets gezien," zei een jong boerenmeisje. „Hij sterft nog. Als hij toch maar wou heengaan en zich niet plagen met hier te blijven staan."

Moeder Stina stond op, alsof ze 't uitschreeuwen wou, dat dit niet zoo moest voortgaan, maar ze ging weer zitten. „Laat ik toch niet vergeten dat ik arm en ongelukkig ben," zuchtte ze.

Opeens werd het zoo stil op de hoeve, dat Moeder Stina moest opzien. Ze merkte, dat het zoo stil werd, omdat Karin Ingmarsdochter uit het woonhuis kwam. En nu bleek het duidelijk, hoe de menschen over Karin en haar handelwijs dachten, want terwijl zij over de hoeve ging, weken de menschen uit. Niemand reikte haar de hand om haar te groeten. Allen stonden zwijgend en keken haar afkeurend na.

Karin zag er teer en moe uit. Ze liep meer voorovergebogen

}52

Sluiten