Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dracht noodig was niet meer van één mensch te houden, dan van alle anderen, en ze beweerden, dat zij alle menschen even lief hadden. Zij hadden allen — en Bo ook — gezworen nooit een huwelijk aan te gaan en een rein leven te leiden als monniken en nonnen.

Bo dacht geen oogenblik meer aan die belofte, sinds hij gehoord had, dat Gertrud vrij was. Hij wilde zoo gauw mogelijk van de kolonie weg, om naar huis te gaan en haar te winnen. Hij was nu heel blij, dat hij den gordel gehouden had, zoodat hij geld had en kon gaan, wanneer hij maar wilde.

De eerste dagen liep hij opgewonden rond, en dacht nergens anders aan, dan om te weten te komen, wanneer er een boot uit Jaffa vertrok. Maar er was nu juist geen gelegenheid, en Bo begon al spoedig in te zien, dat het beter indruk zou maken, als hij nog wat met zijn reis wachtte. Wanneer hij dadelijk ging, zou de heele gemeente begrijpen, dat hij om Gertrud kwam. En als hij haar dan niet winnen kon, zouden alle menschen hem uitlachen.

Bo had juist in dien tijd werk op zich genomen voor de kolonie. De oude Gordonisten hadden tot nu toe in Jeruzalem gewoond. Nu hadden ze het groote huis buiten de Damascuspoort gehuurd, naar aanleiding van den grooten toevloed van leden door de landverhuizing uit Zweden, en ze waren bezig zich daar in te richten. Aan Bo was toevertrouwd, in 't nieuwe huis een bakoven te bouwen. Hij besloot dus geduld te oefenen, en niet op reis te gaan, eer hij met dit werk klaar was.

Onderwijl verlangde hij zóó, dat heel Jeruzalem hem een gevangenis toescheen; — 's nachts nam hij soms den gordel af en lag naar 't geld te voelen, dat er ingenaaid was, hij was zóó blij, als hij die kleine ronde schijfjes tusschen zijn vingers voelde; hij zag dan Gertrud voor zich, vergat dat zij nooit van hem had willen weten, en was er zeker van, dat hij alleen maar behoefde thuis te komen om haar tot vrouw te krijgen.

Nu Ingmar zich zoo valsch getoond had, zou Gertrud eindelijk Bo wel leeren waardeeren; Bo, die zijn heele leven lang nooit iemand anders dan haar had liefgehad.

't Ging intusschen vreeselijk langzaam met 't bouwen van dien oven. Of hij was geen knap metselaar, of hij had geen goede steenen en metselmateriaal. Hij begon te denken, dat dit werk nooit klaar zou komen. Eens stortte het gewelf in en eens had hij zóó verkeerd gemetseld, dat al de rook in de kamer sloeg.

't Duurde zoodoende tot Augustus eer Bo klaar 'was. In dien tijd zag hij veel van 't leven van de Gordonisten, en hij vond het hoe langer hoe mooier. Nooit had Bo menschen zóó zien leven — enkel om zieken, armen en bedroefden te helpen. En rij ver-

206

Sluiten