Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hem te kunnen verstaan. Maar ik zal blij zijn, als ik Zijn stem maar hoor."

't Bleef een oogenblik stil. Maar toen gaf de leider weer een teeken, en zijn aanhangers begonnen opnieuw: „Allah! Allah!" te roepen. Ditmaal werd hun gewezen 't heele lichaam te bewegen en niet alleen 't hoofd. Spoedig waren ze allen in vollen gang. De man met 't machtige gezicht en de groote Christus-oogen dacht aan niets anders, dan aan zijn aanhangers tot al heftiger bewegingen aan te drijven. Hij liet ze de eene minuut na de andere voortgaan. Zij gingen als door een bovennatuurlijke macht gedreven véél langer voort, dan men voor mogelijk zou hebben gehouden, 't Was allerakeligst om al die mannen te zien, die van inspanning den dood nabij schenen, en hun steunend geroep te hooren, dat zich uit hun keel wrong, alsof daar geen lucht meer was.

Na een poos hielden ze op, toen begonnen de heftige bewegingen weer, tot er een nieuw oponthoud kwam.

„Die kerels moeten zich lang geoefend hebben," zei Ingmar, „eer ze dat zoo lang konden uithouden."

Gertrud zag naar Ingmar op met een hulpeloos en wat angstig gezicht. Haar lippen beefden.

„Denk je niet, dat Hij hier straks mee ophouden zal?"

Ze wierp weer een blik op de machtige gestalte, die gebiedend en bevelend daar onder de zijnen stond, en haar hoop herleefde weer. ..Straks zullen de zieken en bedroefden tot Hem komen," zei ze innig. „En ik zal zien, hoe Hij de wonden der melaatschen geneest, en den blinden het gezicht hergeeft."

Maar de derwisch ging voort, zoóals hij begonnen was. Hij gaf een teeken, dat allen moesten opstaan, en nu kwamen nog heftiger bewegingen. De oogen staarden dof en waren met bloed beloopen, verscheidene mannen schenen niet meer te weten, waar ze waren; hun lichamen bewogen zich als onwillekeurig heen en weer, op en neer, al sneller en sneller.

Eindelijk, toen ze daar ruim een paar uren gezeten hadden, greep Gertrud in grooten angst Ingmar bij den arm: „Heeft Hij hun dan niets anders te leeren?" fluisterde zij.

Want nu eerst begon zij te begrijpen, dat de man, die zij meende, dat Christus was, niets anders te leeren had dan deze wilde oefeningen. Hij dacht aan niets anders dan deze waanzinnigen aan te hitsen en op te jagen. Als een van hen zich sneller en langer bewoog dan de anderen, plaatste hij hem vooruit in den kring, en liet hem daar buigend en steunend staan, als voorbeeld voor de anderen. Zelf werd hij ook meer en meer opgewonden. Ook zijn lichaam begon te zwaaien en zich te wringen, alsof hij 't niet meer stil kon houden.

Gertrud zat daar en bedwong met moeite haar tranen en haar

320

Sluiten