Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de waarheid te zeggen. In haar worstelde en streed iets — maar ze had toch kracht genoeg om te zwijgen. „Neen, ik wil zoo'n groot ongeluk niet over hem brengen," dacht ze. ,,'t Is 't best, dat onze wegen scheiden, anders kom ik er nog toe mij van kant te maken."

Toen ze zweeg, zei Ingmar: „Nu nemen we afscheid voor lang, Barbro."

„Ja," antwoordde ze.

Zij stak de hand uit en hij nam die. Toen hij die in de zijne hield, ging hem een schok door de leden. Een oogenblik scheen het, als wilde hij Barbro in zijn armen nemen en haar hartstochtelijk omhelzen.

„Ik zal naar binnen gaan en Sterke Ingmar zeggen, dat je er bent," zei ze toen.

„Ja, doe dat," zei Ingmar kortaf en liet haar hand los.

Sterke Ingmar lag te bed in 't kleine kamertje. Hij leed geen pijn, maar 't hart sloeg zwak en hij ademde steeds moeilijker, ,,'t Is wel zeker, dat ik vandaag sterven zal," dacht hij.

Zoolang hij alleen lag, had hij de viool naast zich. Hij bewoog zacht de vingers langs de snaren, zoodat nu en dan een toon klonk, en hij meende dan allerlei liederen te hooren.

Toen de dokter en de predikant kwamen, legde hij de viool weg, en sprak met hen over de wonderlijke dingen, die hem in zijn leven gebeurd waren, 't Meest sprak hij van Groote Ingmar en over 't kleine volkje in 't bosch, dat hem lang genegen geweest was. Maar sedert Hellgum den rozestruik voor zijn huis omgehouwen had, was de wereld voor hem niet prettig meer geweest om in te leven. Toen had 't kleine volkje opgehouden met op hem te passen, en had hij alle mogelijke moeilijkheden gehad.

„Ik was wat blij, dat mag dominee gerust gelooven," zei hij, „toen Groote Ingmar vannacht bij me kwam, en zei, dat ik nu niet langer op zijn huis hoefde te passen, maar tot rust komen mocht." Hij zei dat heel plechtig, en 't was duidelijk, dat hij vast en zeker geloofde, dat hij sterven zou. De predikant zei zoo iets van dat hij er niet heel ziek uitzag, maar de dokter, die hem had onderzocht en naar zijn hartslag geluisterd, zei heel ernstig: „Neen, neen, Sterke Ingmar weet, wat hij zegt. 't Is niet voor niet, dat hij hier ligt en den dood verwacht."

Toen Barbro binnenkwam en de mooie deken over den ouden man heen spreidde, werd hij wat bleek.

„Nu loopt het naar 't eind," zei hij. Hij streelde Barbro's hand.

„Ik dank je voor dit en al 't andere. En dan moet je 't me

376

Sluiten