Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door ze te vergelijken met de heusche werkelijkheid. Hee ja, zoo is hetl

., u . . Langzamerhand dus wordt ook met al de andere ae11. tiet zuivere , ,. , .... „. ö

woordverstaaö. noemde woordjes een aanschouwelijke voorstelling van het bedoelde uiterlijke feit verbonden; en die aanschouwelijke voorstelling treedt nu op den duur hoe langer hoe meer op den voorgrond, en de uit te voeren lichaamsbeweging raakt op den achtergrond; zoodat het kind. ook al'is het genoemde ding of feit niet zichtbaar aanwezig, toch begrijpt wat moeder bedoelt, doordat de voorstelling ervan wakker wordt in zijn herinnering. Verder vermindert heel langzaam, vooral ook door het roepen uit de verte en het praten in den donkere, als het kind z'n moeder niet zien kan, de beteekenis van moeders gebaar en gelaatsuitdrukking, en wordt z'n aandacht aldoor meer, en soms zelfs uitsluitend, op den gehoorden woordklank gericht.

12 H tand ^e woordklank van fluitje b.v. is nu dus alleen reeds in vers an . staat, om jn Keesjes verbeelding de aanschouwelijke voorstelling van dat fluitje te verwekken. Als hij nu door de trouw herhaalde vergelijking van die voorstelling (als hij niet naar z'n fluitje kijkt), met de oogenblikkelijke waarneming (als hij er wèl naar kijkt), gaat begrijpen dat die voorstelling niets dan een afbeelding van het fluitje zelf is, en derhalve in dat beeld van z'n fluitje het werkelijke fluitje gaat herkennen, en dus mèt dat voorstellingsbeeld van z'n fluitje in het vervolg z'n eigen werkelijke fluitje BEDOELT; dan komt door z'n kinderzieltje een rilling van nieuw leven gevaren, dan heeft bij voor het eerst moeders denkbeeld, dat zij in taalklanken uitzegde, uit die taalklanken in zich herteeld, nagebeeld en NAGEDACHT, dan heeft hij voor het allereerst moeder, in den vollen zin des woords, met menschelijk verstand begrepen en verstaan!

^n hiermee is het kind op weg van de algemeen-men13. Van de alge- goelijke gebaren- en gelaatstaal, naar onze speciale meenmenschehjke Ncdcriandsche klanktaal. Want aanwijzende en nataal naar net JNe- ,-..««■ i .. . , 7 derlandsch bootsende gebaren, als een uitgestoken vinger en uitge¬

breide armen, of een lachend en een boos gezicht: verstaan alle kinderen der wereld; maar de beteekenis der Nederlandsche woorden t poppetje, fluitje, daag, pap, kom je, moeder, vader, enz. kan een kindje alleen hier in Nederland of althans in Nederlandsche omgeving leeren. Zoo leert een Fransch kindje van z'n moeder Fransche klanken en Fransche woordjes, een Epgelsch kind Engelsch, een Duitsch kind Duitsch, een zwartje negertaal, en een Javaansch kind Javaansch. OEFENING ^a eens na' wat 'e zooa' met 9ebaren, schouder-, hoofd- en oogbewegingen aan een ander mee kunt deelen. Hoe druk je zonder woorden de bedoeling der volgende woorden en uitdrukkingen dit: Ja, nee, Ik betwijfel het, ik weet het zeker, krijg ik wat van je? laat mij eens kijken (op 2 manieren met den vinger, en met het oog), pas op hoorl ik zal je krijgen, een

20

Sluiten