Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE HOOFDSTUK. □ DE EERSTE KINDERWOORDEN.

1. Wat is praten? We zagen reeds vroeger, dat het kind in de tweede helft

van z'n eerste levensjaar teekenen van schrik, verwondering en verrassing begint te geven, in hooge gilletjes; en dat gi, sj, ha, altijd met uitbundige pret; oe, nene daarentegen met afschuw of kwaje bui, en ma ma ma met een zeurig verlangen gepaard ging. Al deze klanken lijken in hun beteekenis weliswaar op onze ui troepwoordjes: hoera hoezee bij pret, bah, otvee bij afschuw, hè-toe-nou bij smachtend verlangen. Maar ze werden toch slechts heel vaag bedoeld. Ook dieren brengen, als ze pijn hebben, heel andere geluiden voort dan wanneer ze opgewekt zijn; denk maar aan de honden, die janken van de pijn, hard blaffen en brommen uit angst en kwaadheid, maar joelen van begeerte, als ze den baas hooren die ze eten komt brengen, en dat noemen we toch nog geen praten. HET EIGENLIJKE PRATEN BEGINT PAS, ALS DE WOORDEN MET EEN KLAARBEWUSTE BEDOELING GEZEGD WORDEN m. a. w. als de gesproken klanken niet meer louter spel of muziek, of vaagbewust signaal zijn, maar de bedoelde uitdrukking worden van het menschelijk bewustzijn; en daartoe komen de dieren nooit, doch het kind na al de genoemde dressuur en voorberdding al heel spoedig. Nu toch begint, juist door het verstaan van moeder, het zelfbewustzijn een beetje op te klaren, en komen dus de vroeger door hen zelf slechts half verstane uitroepen met een bewuste beteekenis in gebruik; nu ook pas gaat van die meeste uitroepjes de dubbelzinnigheid af, en begint moeder bijna alles duidelijk te ver staan, wat de dreumes bedoelt. De interjecties worde dan nu ook spoedig: volop menschen taal. Voorloopig echter nog: halfbewust. OEFENING. ^r ^n m de 9roote menschen-taal nog heel veel uitroepwoordjes in gebruik. Zoek er eens eenige bij elkaar. Wat zeggen we, als we plotseling ergens pijn gevoelen? Wat zeggen we zoo al met, als we onverwacht een sterk geluid hooren; als iets in 't water valt, als we bang zijn of schrikken? enz.

2. Verschil tos- Nu is het zeer opmerkelijk, dat onder de uitroepen die schen uitroepen uit louter vocalen bestaan de eene helft; a, (h)a {g)i, met van wel en wee. bhjen lachmond getokkeld, uitingen zijn van vreugde en pret; terwijl de andere helft au, ei, è, oe (meestal tweeklanken, met breeden huilerigen mond gesleept), pijn en verontwaardiging beteekenen. Het is duidelijk, als de kleuter a, ha roept, ziet er de wereld voor hem rooskleurig uit; maar als hij oe zucht is hem alles donker, miserabel en zwart.

□ Fig. 1. (zie vlgd. blz.) □

3. Middelpunt zoe- Een derde soort vormen de verbindingen van klinkers kende en middel- met een m, b.v. mama, emmemma, mam, die gewoonlijk

nwndgebaren. Cen 9Cmis 01 ^ zeuri9 v«langen te kennen geven, om eten of om iets anders te hebben, en vooral ook naar

27

Sluiten