Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te overzien. En nu gebeurt het heel dikwijls dat die laatste drie silben twee woorden bevatten, die ze al van vroeger kennen. Zoo had Keesje op moeders vraag: ga je met mij mee. al eens mij mee nagezegd, zonder het te begrijpen, en hij was het dan ook aanstonds weer vergeten. Een tweede aanloop was een poging om aai kindje te zeggen. Een derde en vierde waren da sustar en da diddih (dag kindje), maar het is zeer twijfelachtig of hij hier iets klaarbewust mee bedoelde.

3. De eerste con- Dcn keer zou het lukken. Keesje kende en structie. gebruikte al op anderhalf-jarigen leeftijd de beide woorden pap en eren, zoowat in dezelfde beteekenis. Moeder

zei nu dikwijls: Eerst je pap eten of vroeg hem: ga je weer lekkere pap eten? Geen wonder dus, dat hij dat verstond. Het beteekende immers bijna hetzelfde als pap pap of ere ere. En toen hij het zoo eenige keeren verstaan had. zei hij, op een middag, met den toon en de beteekenis van een Imperatief, niet meer gelijk hij vroeger gedaan had: pap of era. maar beide aaneen pap era. Hij had voor het eerst doorgepraat. Men zou zoo zeggen, dat was louter toeval. Vroeger had bij oom Jan ook iejah genoemd en oom Kees iekeesj, dat waren ook eigenlijk twee woorden. Maar dat is niet hetzelfde. Pas veel later leerde hij het woord oom apart zeggen; en iejah was voor Keesje een éénledige naam. Pap era echter was z'n eerste constructie, d.w.z. de eerste OPBOUW VAN TWEE BEKENDE WOORDEN TOT EEN NIEUW GEHEEL MET EEN KLAAR BEWUSTE BETEEKENIS. En nu deze eerste voorganger baangebroken heeft, volgen er weldra andere op denzelfden weg. Zoo heel spoedig: koeka kijka voor boeken kijken; practisch beteekent het: prentenboek.

4. De enkelvou- Fen maand hierna — 't was z'n 19de levensmaand — dige zin. Onder- kwamcn er ineens een heele reeks nieuwe constructies werp en gezegde. voor den dag; want dit is de tijd dat bij normale wel

opgevoede kinderen het doorpraten in zwang komt. Bij het plaatjeskijken zei Keesje telkens aanwijzend met het vingertje: ditte tousja... ditta tuija.. ditta manna... kuknkuuu l (dit is het kousje, dit het truitje, dit zijn mannen, en dit is een haan). En hij lachte, en juichte van de pret. Dat was eerst lollig. Wat is er hier gebeurd? Ditta kwam het eerst in Keesjes bewustzijn: een vage aanduiding dat er hier op dit blad van het boek iets was, dat hem bekend voorkwam, en dat hij dus met z'n vingertje aanwees. In eens herkende hij de afbeelding: toen kwam dus tousja het kamertje van z'n bewustzijn binnen. En toch was ditta nog niet weg. 'tWas net of tousja: ditta een oogenblik vasthield, want terwijl hij tousja zeide, bleef het vingertje nog doorwijzen van ditta. Dus twee bewustheden tegelijk! Dat was Keesje nog nooit overkomen. Dat is een verrijking en uitbreiding van z'n zieleleven, waar hij vroeger

De Roman van een kleuter. 5.

65

Sluiten