Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dien komenden klank te fatsoeneeren, óf althans ze om te vormen in diens geest We zagen daarvan reeds een heele reeks voorbeelden in het IVde Hoofdstuk: zoo rat voor pats, kik voor Dirk. muim voor duim moomvoor boom, enz. Later kwam onder invloed der drie volgende * \in Doeken kijken: koekakijka; door de twee volgende b's van rabarberbabatbat, en door de twee volgende f's van vlassen staartje: vatte staats». Vooral als Keesje pas een bepaalden klank aangeleerd heeft domineert die een tijdje heel sterk, en dringt bij zich in allerlei woorden' voorbarig naar voren, zoo b.v. brootrampja voor bootrampja. Verder dringt de beginlcJinker der hoofdsilbe van moeilijke woorden als balkon ook al in de voorafgaande silbe binnen, zoodat het kalkon wordt OEFENING WTat h°°r 'e Wel eeas ze99^ voor: tienstuiverstuk je? en voor:

Wien Neerlandsch bloed Zeg eens eenige keeren heel gauw

achter elkaar: Bruin, bloedrood, braamblad of: ons grauw kat krabt de krollen van de trap. of: de kat die krapt den knappen kapper. Wat gebeurt er dan? 32. De voorbarig. Maar,verder, to°nt zich ook deze voorbarigheidslust heid in de silbe- wccr het sterkst in den moeilijken overgang van silbe daling. naar silbe: „al de" wordt adda. wir-ja: wijja, ben ja:

..^Ü?' X*&\SHÜ' hcb )3: eJJ9' 2uUen wa: sauiwe. an beetja. abeetja. dikwijls: dikkals. Kasper: Kappers, (vgl. deksel) en na veel moeite: Aapser, poetsa: poessa, boodschap: boochap, allamaal: ammaal auabei: abbet, aan ma haar. amma haat, dat gaat goed: da chaachoed hou moeder goed vast: oo moeda choe hst, niet waar: nie waar, eta. OEFENING 2Cfl *e zel* *" deze woorden en vormen in het dagelijksch gesprek ? Saksen werd zoo in den naam van een Hollandsen dorp

tot fheim- 7exel I Bruxel: lecüo, oud Vlaamsch lexe: lesse. les.

smidse tot hotsen tot banling hunlie manlijkander

V00**?}: zakdoek inmaken onmogelijk leedlijk..

kwaadlijk schierhjk bruidloft stijfsel veemnoot....

likteeken bij opbod uitdoen enz.

Maar ook op het einde der silbe komt het zelfde voor: moet moer ak' moek. mag ak: mak, amaakt: maat, wit ak: wik. dat is: das. dit is: dis: OEFENING ,Zeg, je dczc vormen k» den omgang met je vrinden? Zoo

werd voks (hgd. Fuchs) tot Het eerste lid van okshoofd (hgd

Ochsen)tot rechts: Hits tot aanstonds (in't dagelijksch gesprek)

tot doorgaands tot al te hands: wetends en willends

prompt: markt: erwt

33. Gedeeltelijke In j dc2e, Qevallen maakte de voorbarigheid den eersten voorbarigheid, medeklinker volkomen gelijk aan den tweede. Soms smelten ze samen en ontstaat er een nieuwe medeklinkeopgebouwd uit dearticulatie-elementen van beide. Zoo wordt: Mevrouw van Wentel tot Ftau a minta. chaan-wa tot chaama. zunwe: zumma.

215

Sluiten