Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kek gaam beteekende vroeger, en soms nog wel eens: de kerkklok galmt. Kees/a fiecha: Keesje is aan 't vüegen. Mac/» dansa: de muggen dansen Al deze zinnetjes worden nu als een geheel beschouwd, en samen tot r°w?iC7ï 0emaak,t van «F» Operatief. Ooh a kek is gaam: Hoor de kerk(klok) eens galmen. Kijk die Keesja is fiechai Kijk dat Keesje eens vüegen. Kgk da mucha ts dansa; Kijkde muggen eens dansen. We kunnen fa oeze zinnetjes het eerste deel van den bijzin object en het tweede objectief noemen. (Fig. 33.) Het is duidelijk, wat er gebeurd is. Kek was door gaam ingehaald, en nu zijn de durf-alletjes boven op het hert: Ooft (hoor) gesprongen. Kek als rustig naamwoord zit aanstonds vast Gaam als beweeglijk werkoord blijft staan. En daar rijen ze nu samen pret over te nebben! maar gaam houdt kek vast, en blijft hem vasthouden, want Keesje voelt gaam als t gezegde van kek. Eens is het kuikentje. Dat zulke zmnetjes ook fa de groote-menschentaal zeer veel voorkomen, hebben we nierboven op blz. 77, Nr 22 reeds gezien.

19. De eerste uit- ^,nu,9aat hij, het ware met doodsverachting, deze voerige afhanke- ,,e kunstjes weer vereenigen: een ui troepszin, met Hjke vraagzinnen, Y0/ ^ ge 'xzettinQ van onderwerp met bepaling,

dubbel gezegde en voorwerp, wordt tot voorwerp in een mtroepzinnetje. uit twee ondergeschikte werkwoorden bestaande: Uoe *en, wat dut Keesja ga doet (Kijk eens, wat Keesje gaat doen). En kort daarop gebeurt met een vraagzin hetzelfde nieuwe wonder: Faacha moena doet (Ik zal eens vragen, of moeder het doet).

20. Transitieve fjf^f vol9Cn nu °°k merin weer de bijwoorden, scheidbare werk- 7^° <™cW was een zinnetje, dat vroeger al voorkwam woorden. bij wijze van konstateering: nu gaathetdeksel erop. Maar

ÈNi l dit tweeledig zinnetje maakt hij nu tot voorwerp van een m^^V^ 20odat "et wordt 'oef a dechs ofcftf (doehetneksel dicht). ÖS1?15 weer juist hetzelfde gebeurd, als bij ooh a kek is gaam. Eerst had dichr achter dechs geloopen. en hem ingehaald en vastgepakt Samen P,?™ 2eD?rdeV. ^ 239611 daar ^ bewegelijkepaard doet of toet aan komen rennen. Plotseling nemen ze een roekeloos besluit, en ineens springen ze er samen boven op-DecAs als substantief zit aanstonds vast fa den zadel, maar het bewegelijke bijwoord dieft f ziet nog even kans. öm. op het paard zn rug. kopje-over te duikelen, en een oogenblik later grijpt dechs met z'n twee handen de beide voeten van dicht. Én zoo rent de groep voorbij, het mtgierend van pret natuurlij. En Keesje, die dat door hetTaampje aanziet mmder. Van dezelfde soort is: Jee* cheut op (steek den sleutel erop). Tatalachja wr (Tante lacht je uit), heeft er bovendien nog een onderwerp voor staan. En weldra gaan de uit Nr. 23 van blz. 100 bekende ^Pf^teraratJes chabbavoor (slabje voor) en toem uit denzelfden weg op. Ook zij hebben eerst elkaar te pakken gekregen, en springen nu samen

239

Sluiten