Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maat opzij staat het zingroepje: Ja mag niet in da spiege kijka, hoor, al klaar. Nu heeft Keesje beide zinnetjes reeds dikwijls achter elkander uit moeders mond gehoord ; maar daarbij innerlijk begrepen en aanschouwd, dat de tweede gedachte boven de eerste zweefde en er ten slotte op rustte. Dat gaat hij nu ook probeeren. En met een koenen sprong vliegt het heele groepje de lichte verbeeldingslucht in. De voorste jongen fa komt op het paard, de

Fig. 42. Ja mag niet in da apiega kijka, hoor/ (Je mag niet in den spiegel kijken, hoor!)

Fig. 43. Zar ja nou niet zegga? (Zal je nou niet zeggen?)

247

Sluiten