Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

21

vallen evenwel op of na den eersten Januari, dan kan hetzij tegelijk met de in het vorig lid bedoelde verkiezing, hetzij op den dag, waarop de bij art. 133 voorgeschreven vergadering van stemgerechtigde ingelanden gehouden wordt, de tusschentijdsche verkiezing, indien die dan nog noodig is, geschieden.

4. Heeft eene verkiezing geen gevolg gehad, dan zorgt het bestuur, dat binnen dertig dagen, nadat zulks onherroepelijk vaststaat, eene nieuwe stemming plaats heeft.

DERDE LID.

Deze bepaling is aldus gewijzigd in 1916.

„Binnen twee maanden na dat openvallen". Dit belet natuur Üjk niet om een verMezing reeds vóór het openvallen te houden, b.v. wanneer een bestuurslid in December of Januari te kennen heeft gegeven, dat hij met ingang van 1 April ontslag neemt.

„Geschiedt dat openvallen evenwel op of na den eersten Januari, dan kan hetzij tegelijk met de in het vorig lid bedoelde (periodieke) verkiezing, hetzij enz." Het is hierbij onvei^hillig, of de opengevallen plaats ook bij die periodieke verkiezing vervuld moet worden of niet. B.v. op 1 Februari 1914 overlijdt een bestuurslid, dat in 1916 moet aftreden. Dan kan tegelijk met de periodieke verkiezing van 1914 ook in deze vacature worden voorzien.

VEERDE LID.

„Binnen dertig dagen, nadat zulks onherroepelijk vaststaat". Dat een verkiezing geen gevolg heeft gehad, staat onherroepehjk vast:

als de benoemde niet binnen veertien dagen na den dag zijner benoeming schriftelijk heeft verklaard, dat hij zijn benoeming aanneemt (art. 52);

als tegen een besluit van het bestuur of van Gedeputeerde Staten tot niet toelating van den benoemde niet binnen den daarvoor bij wet of reglement gestelden termijn beroep is ingesteld;

zoodra de Kroon in hoogste instantie tot niet-toelating van den gekozene heeft besloten.

Artikel 27. (6, 3e lid). 1. Worden de leden van het bestuur door den Koning benoemd, dan wordt door stemgerechtigde ingelanden voor de vervxilling van iedere opengevallen plaats, met machtneniing van de bepalingen van § 4 van dit hoofdstuk en met inacht-

Sluiten